Tag: (te) Gek

(te) Gek: Anke Sitter

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Onze economie volgt net als alle andere dingen de natuurwetten’

“Ik kan praten over van alles en nog wat, maar als het over mijzelf gaat, vind ik dat moeilijk. Ik sta liever achter de camera dan ervoor. Ik heb een bepaalde grens. Het diepste binnenste laat ik maar aan weinig mensen zien,” lacht Anke Sitter van Intertembo aan het begin van het interview. Ze is conceptontwikkelaar, vragensteller, groeibegeleider en kennisdeler.

“Ik geloof in dingen die niet lijken te kunnen. Dat komt door mijn liefde en verbondenheid met de natuur. Ik kan van de grote en kleine dingen daarin genieten. In de natuur voltrekken zich wonderen. Dat is onbegrijpelijk voor ons. Er is nauwelijks een grens aan dingen. Er zijn natuurlijke wetmatigheden en die geven ontzettend veel ruimte,” vertelt Anke, “Mijn geloof in het onmogelijke heeft ook te maken met levenservaring. Volgend op de meest akelige momenten in mijn leven ontstonden vaak de meest fijne dingen. Voor mij waren dat keerpunten. Als je iets echt wilt en er echt voor gaat dan kom je er ook.“

Dit schilderij maakte Anke ooit voor haar zus. Het is een stuk van Albert Schweizer. Foto: eigen foto.

Vertaler

Anke: ”Ik ben een generalist. Ik weet van een heleboel een beetje. En door alles wat ik weet, kan ik verbanden leggen tussen onderwerpen en vraagstukken die anderen misschien niet zo snel zien. Er kan meer dan de meeste mensen denken. Dit vertrouwen heb ik altijd al gehad. Toen ik zo’n elf jaar was, trad ik op als ‘vertaler’ tussen mijn ouders en broer, omdat hun relatie niet zo goed was. Ik vond dat geen lastige rol, ik zag namelijk dat het mijn ouders en broer rust gaf. Door die rust was het binnen de hele familie leuker. Deze vertaalrol gebruik ik ook op de werkvloer. Dan breng ik verschillende partijen bij elkaar. Heel veel mensen denken dat ze iets uitgesproken hebben of iets hebben gecommuniceerd, maar dat doe je pas als je door taal andere mensen raakt. En dat weet je pas als je feedback krijgt, bevestiging in de woorden van de ander, niet in je eigen taal. Want dan is het een herhaling van je eigen statement. Een mooie uitdrukking hiervoor vind ik ‘We proberen iedere keer zo dicht mogelijk langs elkaar heen te praten.’

Beetje zwanger

“Basaal verbonden zijn met de natuur is belangrijk. We zijn allemaal een onderdeel van de natuur,” weet Anke, “Ik geloof niet in de maakbaarheid van de natuur. Onze economie volgt net als alle andere dingen de natuurwetten. De basisgids van de economie is anders dan de natuurwetten. Mijn passie ligt erin eraan bij te dragen dit ontwrichte deel van de samenleving weer terug te brengen in balans met de natuur. Nu klopt het gewoon niet. Er zijn bestaande theorieën zoals de circulaire econome en doughnut economie. Deze leven bijna in een parallel universum naast de klassieke economie. Een aantal onderdelen zijn overgenomen in de klassieke economie en dan denkt men het goed te doen. Dat is hetzelfde als een beetje zwanger zijn. De ideale wereld is voor mij samen bezinnen wat we als mensen nodig hebben en dat we elkaar daarin vinden en steunen. We kunnen al het overbodige gedoe weglaten. We horen elkaar dingen te gunnen in ervaringen en liefde. Als we elkaar een goed leven toewensen, zonder er een excessieve levensstijl op na te houden, dan wordt dit haalbaar voor iedereen.”

Anke op haar mooist! Foto: eigen foto.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl


(te) Gek: Luci Aversteeg

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Mijn tien vingers en motoriek zijn erg belangrijk’

Als echte ambachtsvrouw gebruikt Luci Aversteeg oude en moderne technieken door elkaar. Ze is door toeval in het vak van goud- en zilversmeden gerold. In Duitsland staat het ambacht hoog aangeschreven, in Nederland krijgt ze steeds meer klanten die haar werk prachtig vinden. Ze heeft bewust een open atelier, zodat de mensen kunnen zien hoe ze werkt. Met haar bedrijf Elcerlyck drukt ze al 35 jaar een unieke stempel op het vak. Ze denkt en doet anders. Over haar ambacht vertelt ze: ”Mensen vertellen mij hun verhaal. Ik probeer de emotie van dat verhaal in het sieraad te verwerken.”

“Je oefent een ambacht uit als je iets maakt wat niet door een machine gemaakt kan worden,” legt Luci uit, “Ik bedenk en ik maak in eerste instantie het sieraad. Als het later gekopieerd wordt door machines is dat wat anders. Het oorspronkelijk idee is en blijft van mij. Als ik een verhaal van een klant hoor, of voor mezelf aan het werk ben, zie ik gelijk een plaatje van het eindresultaat in mijn hoofd. Op school leerde ik altijd dat je studies moest maken om tot een definitief ontwerp te komen. Bij mij werkt dat niet. Ik heb altijd gelijk een definitief ontwerp in mijn hoofd. Om toch aan de opdracht te voldoen, werkte ik dan maar met terugwerkende kracht aan de studies.”

Het atelier van Luci en haar man Jan (De Klokkenmaker). Foto: PR

Speeldoos

“Ik maak nooit iets wat over twee jaar in de kast ligt. Mijn werk is levensloopbestendig, te dragen tot aan je rollator. De sieraden moet je altijd om kunnen doen. Ze moeten draagbaar zijn. Ik heb ook de kunstacademie gedaan en daar verkocht je soms het verhaal van het sieraad. Maar ik ben geen voorstander van bijvoorbeeld een collier van brandnetels. Hoe mooi het verhaal erachter ook kan zijn. Eenvoud is belangrijk. En de balans in het ontwerp. Ook originaliteit. Ik kopieer nooit wat. Als ik met een klant in gesprek ben, krijg ik vaak ook ideeën. Ik heb dan altijd een speeldoos met elementen bij de hand om dat beeld dat in mij oppopt te laten zien. Ik werk dan met ringen, draadjes en vormpjes. Ik heb zelfs een plastic hand waarop ik kan laten zien hoe alles eruit komt te zien. Vroeger werkte ik vooral met schetsen op papier, nu kan de klant het dus echt zien.”

Een bijzonder collier dat Luci gemaakt heeft. Foto: PR.

Vakkennis

“Wat mij anders maakt dan andere goudsmeden is dat ik eigenwijs ben, ik stippel mijn eigen pad uit. Dat heb ik altijd gedaan. Ik heb niet echt dollartekens in mijn ogen als ik aan een ontwerp denk. Een tevreden klant is voor mij het belangrijkst. En dat ik een mooi en goed product lever. De glimlach van een klant is mij veel waard. Ik heb graag klanten die het ambacht waarderen, die niet van massaproductie houden. Alles wat ik mooi vind, kan ik maken. Respect is voor mij belangrijk. Als ik merk dat iemand respect voor mijn vak heeft, ga ik door het vuur voor hem of haar. Ik weet wat ik met mijn materiaal allemaal kan en hoe de machines werken. De stappen tussen de tekentafel en polijstmachine zitten allemaal in mijn hoofd. Daar houd ik met mijn ontwerp rekening mee. Vakkennis daar draait het om. Mijn tien vingers en motoriek zijn erg belangrijk,” besluit Luci haar verhaal.

Luci aan het werk in haar open atelier. Foto: PR

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

(te) Gek : Ria Tuenter

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Ik ben niet echt een schrijver, meer een verhalenverteller’ 

Ze is schrijfster van ‘Mam raakt kwijt’ en ‘Kusje voor popje’. Boeken over de dementie van haar moeder. Volgens Ria Tuenter moet je mensen met dementie niet afschrijven; zij hebben ook liefde en aandacht nodig. Om dat duidelijk te maken heeft ze deze boeken op de markt gebracht. Ook heeft ze freelance gewerkt voor Viva, Big is Beautiful en de Gelderse Post. Op het moment heeft ze een column in het Oude IJsselstreek Vizier en werkt ze op de communicatieafdeling van Gemeente Oude IJsselstreek. Ria: “Ik ben niet echt een schrijver, meer een verhalenverteller. Ik vind het mooier om een verhaal van iemand anders te vertellen dan om een roman te verzinnen. Schrijven is een uitlaatklep voor mij.”

“Bij het schrijven van de boeken over mijn moeder kon ik mijn eigen emoties rond dementie van mij af schrijven. Ik zat met veel frustratie en verdriet. Vooral het schrijven van het verhaal over de gedwongen opname van mijn moeder maakte veel bij mij los. In eerste instantie kon ik het niet opschrijven. Toen het er eenmaal stond, stortte ik in. Het is goed dat ik de boeken heb geschreven. Nu weet ik niet alle feiten meer. De verhalen zaten in mijn hoofd en met het schrijven heb ik ze gedeletet. Het was een soort bevrijding,” legt Ria uit, “Het geeft een goed gevoel dat mensen wat aan mijn verhalen hebben. Ze brengen een stroom op gang die bij mij ook loskwam. De emoties raken. Het is allemaal begonnen als dagboekfragmenten op Facebook. Daar kwamen veel reacties op. Toen besloot ik er een boek van te maken. Niet voor mijzelf, want dan had ik ook wel in een dagboek kunnen schrijven, maar om anderen tot steun en troost te zijn. Ook om ze te laten lachen, want in humor zit ook troost.”

Ria Tuenter interviewt Jan Siebelink. Foto: PR

Witte rozen en vergeet-mij-nietjes

“Sinds 1992 ben ik bevriend met Jan Siebelink. We hebben elkaar ontmoet toen ik hem voor de Gelderse Post interviewde vlak voor zijn lezing in het Borchuus in Varsseveld. Hij was toen nog niet bekend. We zaten aan een kneuterig tafeltje met kleedje en dronken jus. Ik was heel zenuwachtig en vroeg mij af of ik dit allemaal wel kon. Ik had mij grondig voorbereid. Jan was heel relaxed. Als je een kwartje in hem gooit, begint hij te praten weet ik nu. Toen het artikel af was, stuurde ik het hem toe. Een paar dagen later stond hij op de stoep. Vlak daarna is onze correspondentie begonnen. Hij nodigde mij uit om naar Velp te komen en haalde mij toen van het station in zijn eendje. Hij heeft mij toen alle plaatsen laten zien die in zijn boek ‘De overkant van de rivier’ voorkomen,” vertelt Ria, “Inmiddels heb ik zo’n 200 brieven en kaarten van hem. We schrijven over dagelijkse dingen. Wat ons zoal bezighoudt en wat we meemaken. Ons contact is goed. We hebben een trouwe vriendschap. Hij heeft ook de geboorte van mijn kinderen meegemaakt. Toen de oudste werd geboren heeft hij een bosje bloemen bestaande uit witte rozen en vergeet-me-nietjes bij de buren afgeven, omdat hij niet wist dat ik nog in het ziekenhuis lag vanwege de zware bevalling. We gaan weleens samen uit eten en hij heeft ook ooit een kermis in Varsseveld meegevierd.”

Ria heeft zo’n 200 brieven en kaarten van Jan Siebelink. Foto: PR

De cirkel is rond

“In 2016 heb ik het eerste exemplaar van ‘Mam raakt kwijt’ aan hem overhandigd. Toen was de cirkel rond. In zijn boek ‘De overkant van de rivier’ heeft hij het ook over zijn moeder.  En Joyce de Schepper, die mij opdracht gaf voor het interview met Jan in de Gelderse Post, en die ook de redactie van mijn boek heeft gedaan, was er ook. Alle artikelen die ik in de loop van de jaren over Jan verzameld had en in plakboeken had geplakt heb ik toen aan hem gegeven,” eindigt Ria haar rake verhaal.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl


Ria Tuenter ziet zichzelf als verhalenverteller. Foto: PR

(te) Gek: Lieke Deelstra

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘De geestelijke wereld heeft mij altijd op de been gehouden en gaf mij inspiratie’

“Normaal ben ik degene die anderen ondervraagd over hun leven, nu ga ik zelf met de billen bloot!”, lacht Lieke Deelstra van Werkplaats STAP. Als meisje en jonge vrouw was ze erg onzeker en voelde ze zich vaak een vreemde eend in de bijt: ”Het contact met de geestelijke wereld heeft mij altijd op de been gehouden en gaf mij inspiratie. In mijn leven heb ik moeten leren vertrouwen op mijzelf en de verbinding met die wereld. Ik werk graag met metaforische beelden en sprookjes, dat bleek een capaciteit te zijn. Van jongsaf aan ken ik zo veel verhalen, sprookjes, mythen en sagen. Die gebruik ik vaak in mijn werk. Beelden daaruit ploppen te pas en te onpas bij mij op. Ik wil graag mensen in contact brengen met hun innerlijk bewustzijn en daarmee het grotere bewustzijn waarmee we allen verbonden zijn. Dat bewustzijn kan je vinden in de stilte van de natuur..”

“Ik begrijp heel goed dat mensen angst en schaamte kennen om voor hun connectie met de geestelijke wereld uit te komen. Ze zijn bang dat ze voor zweverig, of nog erger: voor gek versleten worden. Zelf ken ik die gevoelens ook. Ik heb besloten om niet meer bang te zijn voor die veroordelingen,” vertelt Lieke, “De geestelijke wereld is eigenlijk heel vanzelfsprekend. Zeker voor kinderen. Tot zo’n jaar of twee communiceren zij zonder woorden, vanuit telepathisch contact, dat is eigenlijk normaal. Als kind wist en zag ik dingen die andere mensen niet bleken te zien.  Ik kreeg vaak de vraag ‘hoe weet je dat dan’ als ik iets zei. Of ‘dat fantaseer je maar’. Onze maatschappij is vandaag de dag vooral fysiek en materialistisch ingesteld. Er zijn tijden geweest dat het vanzelfsprekend was om met goden, het mystieke, te leven. Ik vind het lastig dat je je materieel moet verantwoorden voor iets wat niet materieel aanwezig is, wat onzichtbaar en op een natuurlijke manier bij je is. Alles is energie: gedachten, gevoelens. Ik voel een sterke verantwoordelijkheid naar de wereld toe nu ik mij daar nog bewuster van ben. Afgelopen zomer gaf ik waterceremonies in Ecolonië in Frankrijk. Om mensen bewuster te maken van het water. Met tien vrouwen hebben we het water geëerd en bedankt. We nemen en misbruiken zoveel van de natuur, terwijl ze ons zoveel geeft en schenkt. Het wordt tijd dat we haar gaan respecteren en eren. Dat we verantwoordelijker met haar omgaan. Dat we stoppen met vervuilen en een beetje dankbaarder worden.”

Lieke werkt graag met metaforische beelden. Foto: PR

Veerkracht

“Als mens leef je niet alleen een fysiek leven, maar ook een geestelijk leven. De materie is daar de uitdrukking van. Dit alles drukt zich ook uit in je biografie. Dat is hoe ik de mens zie. Bij alles wat je doet en wat je overkomt kun je kiezen. Een keuze in hoe je met alles omgaat. Het draait hierin nooit om een schuldvraag. Als je je geestelijk ontwikkelt kan je veerkracht halen uit bijvoorbeeld de pijn die je is aangedaan of iets wat je overkomen is. Daardoor kun je je levensopdracht vinden. Zo kun je je verwonding omzetten in vervulling. Door helder te zien wat het leven van je vraagt. Dus niet zozeer te zoeken naar antwoorden op je persoonlijke issues maar te zien welke vragen het leven aan jou stelt,” besluit Lieke.

Voor Lieke is de geestelijke wereld heel vanzelfsprekend. Foto: PR

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

(te) Gek: Sharon Papen

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Hypnose is een natuurlijke staat van zijn’

Ze laat geen mensen de tango dansen in haar praktijk of als een kip op een tafel ronddartelen. Ook geeft ze haar cliënten geen citroenen te eten om ze vervolgens wijs te maken dat ze naar perziken smaken. Nee. Niks van dat al. Sharon Papen van Blikveld meer dan Fysiotherapie gebruikt hypnose therapeutisch voor gezondheidsklachten, angsten en bijvoorbeeld hooggevoeligheid. Sharon: ”Ik wil mensen laten ervaren dat ze dingen in hun gedrag kunnen veranderen op een simpele en ontspannen manier. Het hoeft niet altijd ingewikkeld en zwaar te zijn. Hypnose is een natuurlijke staat van zijn. Denk daarbij aan het moment vlak voordat je in slaap valt. Het principe is heel simpel. De kracht is dat het in het onderbewustzijn werkt. Deze bepaalt voor meer dan 96% je gedrag. Het is veilig.”

“Drie jaar terug hoorde ik dat er hypnosecursussen werden aangeboden. Ik dacht daarbij aan Rasti Rostelli en was heel sceptisch. Totdat ik ergens een artikel las dat het werd toegepast in ziekenhuizen in plaats van anesthesie. Toen werd ik heel nieuwsgierig. Toch ging ik heel kritisch de basiscursus in en voerde ik met mijn bewuste een strijd. Ik wilde laten zien dat ik niet onder hypnose gebracht kon worden. En dan ga je ook niet in trance. Op een gegeven moment besloot ik de weerstand te laten varen. In mijn eerste ervaring ging ik heel diep. Het leek net of ik de aarde in vloeide. Met heel veel energie kwam ik uit de hypnose. Ik kon de hele wereld aan,” vertelt Sharon.

Gezondheids- en welzijnsbevordering

“Ik leerde meer van hypnose. Bijvoorbeeld positieve hallucinaties toepassen. Het was heel bizar dat ik iemand onder hypnose kon brengen en hem dingen kon laten zien die er helemaal niet waren. Dat kunstje gebruik ik het echter niet in mijn praktijk. Ik pas hypnose alleen toe voor gezondheid- en welzijnsbevordering,” legt Sharon uit, “De opleiding was heel aards. Met twee voeten op de grond. Hypnose is een diepe staat van ontspanning die ik met bepaalde technieken opwek. Denk daarbij dat ik je middels een verhaal meeneem naar je onderbewuste of verschillende handbewegingen maak die verwarring creëren waardoor je plotseling onder hypnose raakt. Hypnose is al heel oud. Het vindt zijn oorsprong in het Mesmerisme van voor 1800. James Braid, een Britse arts, ontwikkelde het verder.”

Het kost minder moeite

“Mensen zijn vaak bang dat ze de controle kwijtraken of dingen doen of zeggen die ze niet willen. Dat is een fabeltje. Iedereen die wil, kan onder hypnose. Als iemand niet wil, gebeurt het ook niet. Het is een diepe staat van ontspanning waarbij je bewuste brein meer op de achtergrond is. 96% van wat je doet, gebeurt onderbewust. Als je dat deel kan bereiken, is het bijvoorbeeld veel makkelijker om te stoppen met roken. Als je dat alleen met je bewuste 4% probeert te doen, is dat veel moeilijker. Hypnose kan snel werken, omdat het op je onderbewuste inspeelt. Dingen voor elkaar krijgen, kost veel minder moeite en tijd,” besluit Sharon.

Sharon is een voorstander van om hypnose in te zetten als hulpmiddel bij allerlei vragen/klachten.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

(te) Gek: Monic Rootinck

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Ik zie het leven als een trein; je reist met mensen mee’

Op het eerste oog lijkt ze zakelijk, maar als je langer met haar praat komt er een gevoelige, vriendelijke en zorgzame vrouw tevoorschijn. Monic Rootinck van Hospitality Concepten is een vrouw van spontane acties die graag in een cabrio rijdt, op muziek door de kamer danst en haar gekochte jurken met veel plezier vermaakt tot ze perfect passen. Monic:”Door zware scharniermomenten in mijn leven, kan ik nu levenskunst en kennis overbrengen. Het leven heeft mij veel lessen geleerd. Je kan veel leren als je geen oordeel hebt. Met geduld en vertrouwen valt veel te bereiken. Geef iemand een kans en misschien wel een tweede. Soms moet je van iemand afscheid nemen, dan stroomt de energie niet meer.”

‘De dood intrigeert mij’

“Ik vind het leuk om anderen te helpen. Een goed voorbeeld daarvan is een hospice waar ik betrokken bij ben in Curaçao. Twee jaar geleden gingen zij van twaalf kamers naar twintig kamers. Voor die uitbreiding hadden ze inboedel nodig. Spontaan bood ik aan om dat te regelen. Het was meer werk dan ik dacht, maar uiteindelijk had ik een hele container met spullen voor ze. Afgelopen maart zou ik er ook naartoe gaan. Om te helpen met het herinrichten, maar corona kwam ertussen. De spullen zijn wel aangekomen, maar het reservegeld dat we hadden om wat extra verf te regelen is opgegaan aan de huur van de container. Die hadden we langer nodig dan gepland door de lockdown op Curaçao,” vertelt Monic, “Ik heb altijd wel wat met hospices gehad. Toen mijn kinderen op school zaten, had ik naast mijn administratieve werk tijd over. De dood intrigeert mij. Ik ging daarom aan de slag bij een hospice in Doetinchem. Toen heb ik ook de opleiding stervensbegeleiding gedaan. Mijn interesse voor de dood ontstond toen mijn jongste dochter geboren werd. Zij was een huilbaby en ik vroeg mij continu af waarom zij zo huilde. In die tijd kwam ik op straat tijdens een ijsje eten een medium tegen. Zij gaf mij inzichten over mijn jongste dochter. Toen ben ik gaan nadenken over dat wat er zich tussen hemel en aarde afspeelt.”

Monic houdt van doorpakken. Als ze iets regelt, ziet het er verzorgd uit. Foto: PR.

Nu genieten

“Ik zie het leven als een trein; je reist met mensen mee. Soms stappen mensen in en soms stappen mensen, hoe pijnlijk ook, uit. Mensen kunnen weleens iets tegen mij zeggen waar ik ’s nachts wakker van lig. Dat terwijl ze zelf waarschijnlijk zich helemaal nergens bewust van zijn en niks kwaads in de zin hadden. Dat is een nadeel van mijn hooggevoeligheid. Een voordeel is dat ik veel aanvoel. Ik voel, zie en merk veel op. Dat geeft kracht en inzichten waar je verder mee kunt. Ik vind het ook belangrijk om in het nu te leven. Je verdient het dat op dit moment veel mensen van je houden. Je moet nu genieten en dat genieten niet uitstellen tot later”, Monic besluit: “Ik ben altijd bezig en houd van doorpakken. Ik regel de dingen goed voor mezelf en anderen. Als ik goed voor mezelf zorg, kan ik ook voor een ander zorgen. Soms word ik ook wel Juffrouw Mier (uit de Fabeltjeskrant, BP) genoemd als ze mij weer op de trap horen trippelen.”

Monic ziet het leven als een trein. Foto: PR.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

(te) Gek: Coen Cuijpers

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Geluk zit in het extreme’

Gepassioneerd volgt hij zijn dromen en zijn hart. Soms zelfs met het deksel op zijn neus als gevolg. Niks weerhoudt digital nomad Coen Cuijpers om de wereld kenbaar te maken wat er in hem leeft. Hij is in 2019 gaan hardlopen van Gennep naar Palermo om geluksmomentjes uit te delen, recentelijk heeft hij ook een tocht naar Malmö gemaakt om de vrouw van zijn leven de liefde te verklaren. Tocht één was een groot succes, tocht twee niet. Halverwege ging zijn team terug naar Nederland in verband met corona, hij ging alleen verder. Hoe moeilijk dat ook was. Het resultaat: een gebroken hart. Van deze onderneming zou een film worden gemaakt. Coen: ”Al hardlopend ga ik door grenzen heen. Er is meer mogelijk dan je zelf voor mogelijk houdt. Toen ik naar Palermo onderweg was, deelde ik mijn geluksmomentjes vooral met mijn rugzak. Naar Malmö met een heel team. Geluk delen tijdens een reis maakt de reis mooier dan als je hem alleen maakt. Na mijn reis naar Zweden kwam ik kapot thuis. Een paar weken later herpakte ik mijzelf. Nu ben ik bezig met het ontwikkelen van een ideëel webbureau voor goede doelen.”

Inspirerend voorbeeld

“In februari 2018 begon voor mij een nieuw leven. Ik ben gaan nadenken en vroeg mij af: ’wil ik het leven leiden dat ik nu heb of zal ik andere gekke dingen gaan doen?’. Ik kwam erachter dat het best ok was wat ik deed, maar kon er mijn hart niet in kwijt. In januari 2019 heb ik mijn baan opgezegd, mijn huis opgezegd en ben ik de wijde wereld ingetrokken. Sindsdien doe ik alles wat in mijzelf opborrelt zonder aan geld te denken. Ik probeer een sociale waarde te creëren. Iets voor elkaar doen geeft energie en een geluksgevoel. Sommige mensen of goede doelen kunnen dat. Een glimlach of gelukseffect kan heel inspirerend zijn,” vertelt een bevlogen Coen, “De geluksacties onderweg tijdens mijn tocht naar Palermo brachten veel teweeg. De mooiste vond ik in Napels. Daar heb ik een heel plein met stoepkrijt versierd. Ik heb daar vrolijke gezichten getekend, een hinkelpad waar jong en oud op ging hinkelen en ik had muziek op staan. Ik ben zelf ook gaan hinkelen om als inspirerend voorbeeld te dienen. Deze actie was voor mij belangrijk, omdat ik het zelf ook supereng vond om te doen. Vanuit het niets ging ik dingen op de stoep tekenen. Toen ik merkte dat de mensen het leuk vonden, dacht ik bij mezelf ‘waar maak ik mij druk om?’”

De kleurrijk versierde stoep in Napels.

Geluksmoment

“Ik ben nu bezig met een boek over de hardloopreis. De werktitel is ‘De hardloopreis van geluk’. Als ik de reis analyseer kan ik concluderen dat het geluk in het extreme zit. Als je voor dingen gaat, kom je diepe dalen en hoge pieken tegen. Het geluksmoment dat je daarin kan ervaren is dat je het leven neemt zoals het is. Soms is het klote, dan moet je doorgaan en doorzetten. Er komt dan altijd weer een punt dat er iets bijzonders gebeurt waardoor je in een opwaartse spiraal komt,” besluit Coen.

Een vrolijke Coen Cuijpers die gelooft in geluk.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

(te) Gek: Anjet van Linge

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Stilte geeft ruimte om veel dieper te ervaren wat er is’

Samen met haar man heeft Anjet van Linge sinds 2017 retraiteoord ‘Working Silence’ in Noord Groningen. Hun boerderij is een huis met vier gastenkamers en een grote woonkamer die tijdens de stilte retraite voor iedereen is. Er staat een sfeervolle houtkachel in. Alles komt in dit huis samen. Anjet:”We maken hier onze kunst, hebben een moestuin waarmee we onszelf en in de toekomst een deel van het dorp van eten voorzien en de vloerkleedjes zijn van onze eigen schapen. We hebben pas besloten dat we ons huis de Animaheert gaan noemen. Anima verwijst dan naar levenskracht, ziel en adem. Heert naar de traditie die hier in de omgeving leeft om een boerderij een heerd of heert te noemen. Zo vallen we niet uit de toom, maar hebben we er toch onze eigen draai aan gegeven.” 

Een bureau dat in een gastenkamer staat. Foto: PR.

“Drie jaar geleden zijn we hiervoor uit Leiden verhuisd. We wilden graag een plek waar het stil is met ruimte voor schapen, kunstenaarschap en stilte. Toen deze boerderij binnen onze radar kwam was hij te duur, maar we hebben toch een bod gedaan. We dachten: ’We doen het nu of we stoppen met dromen over een huis buitenaf.’ Aan het huis viel heel wat op te knappen en we zijn twee jaar bezig geweest om dat te realiseren,” vertelt Anjet, “Toen we het huis anderhalf jaar hadden, waren we op stilteretraite in Frankrijk. Toen vroeg iemand ons waarom we geen stilteretraites in ons eigen huis hielden. We zijn daar toen een paar maanden later gelijk mee begonnen. Anderhalf jaar daarna startten we met onze eigen moestuin. We zijn van plan om straks het halve dorp van groente te gaan voorzien. We gaan hem in stapjes groter maken.”  

Anjet met schapen. Foto: PR

Ruis wegnemen

Anjet: “Het is heel mooi om mensen in huis in stilte te ontvangen en eten rechtstreeks uit de tuin te geven. Het vlees dat we eten komt ook van onze schapen. Mensen komen voor de stilte en het ritme van de stilte. We hebben een vast programma waarbij we tussen 9.00 uur en 17.30 uur stil zijn. Stilte is ondergewaardeerd. Het is niet de afwezigheid van geluid, maar de afwezigheid van ruis. Niet praten kan de ruis wegnemen. Zo kan je stilte vinden in jezelf. Stilte geeft ruimte om veel dieper te ervaren wat er is. Als je in stilte eet, smaakt alles anders. Ook bloemen geuren dan anders. Met dieren kan je ook goed zonder tekst communiceren. Je leert in stilte echt waarnemen. Dat is wenselijk voor verandering. Het kan ook confronterend zijn. Je kan moeilijke stukjes van jezelf tegenkomen. Met die stukjes kan je vrienden worden en je kan ze voorbij laten gaan. Je hoeft ze niet op te lossen of weg te drinken met wijn. Ze mogen er gewoon zijn. “

Anjet met Jonas in armen en haar man Marc met Lente, Pollock (zwart-witte hond) en Bella (zwarte hond). Foto: PR.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

(te) Gek: Roel Schatorjé

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Elk product dat ik maak, moet zo gemaakt zijn dat het zo lang mogelijk meegaat’

Met een bedrijfskundige achtergrond wilde Roel Schatorjé geen bedrijf opzetten om winst te genereren, maar er een als middel inzetten om de wereld mooier te maken. Moyu produceert sinds één jaar notitieboeken van steenpapier die uitwisbaar en herschrijfbaar zijn. Roel:”Er worden voor dit papier geen bomen gekapt, je kan het notitieboek langer gebruiken en we investeren een gedeelte van de omzet om nieuwe natuur te creëren. In ons geval planten we voor elke verkocht boekje een boom in Kenya.”

“Ik ben bij verschillende bedrijven werkzaam geweest. Toen ik bij de Rabobank aan de slag was, maakte ik veel notities, to-do-lijstjes en gespreksverslagen die ik later allemaal weggooide,” vertelt Roel, “Ik was in mijn hoofd ook bezig met de boskap. Er worden veertig voetbalvelden aan bos per minuut onnodig gekapt en 14% wordt daarvoor voor de grafische- en papierindustrie gebruikt. Dat is veel. In mijn studententijd kwam ik al in aanraking met steenpapier, maar er ging wat tijd overheen voordat ik er bedrijfsmatig mee aan de slag ging. Het is duurzamer dan normaal papier en het afval kan opnieuw gebruikt worden. In Nederland is die keten nog niet gesloten. Het papier wordt nog te weinig ingezet en kan nog niet gerecycled worden. Toch ben ik gaan doorzoeken. Als je het papier dik genoeg maakt dan drukt de pen er niet in als je erop schrijft. Toen heb ik een businessmodel van het steenpapier gemaakt. Je kan er 500 keer op herschrijven en als het op is, stuur je het aan ons terug. Wij verzamelen het dan en gebruiken het opnieuw. We hebben gekozen voor een notitieboekje, want dat is erg handig. Notities maak je niet zo snel op je computer. Als je met de hand schrijft kan je er eventueel bij tekenen. Het schrijven wordt dan een creatief proces. Je kan je gedachten dan meer uitwerken en beter neerzetten dan van achter het toetsenbord.”

Over honderd jaar nog

Roel: “Er zijn meer bedrijven die aan greenwashing doen en bomen planten voor producten. Zij planten echter één type boom en doen dat in ontwikkelingslanden. Die mensen daar zien geen redenen voor onderhoud en een jaar later is dat bos dan alweer weg. Ik zie meer heil in een kleiner project dat transparant is. Ik plant liever één goede boom die er over honderd jaar nog staat. Wij planten in totaal acht type bomen en alles wat bij dat planten komt kijken, wordt geïnvesteerd in de community in Kenya. Zo zorgen wij bijvoorbeeld ook voor werkgelegenheid.”

Zo lang mogelijk meegaan

“Natuur is voor mij een plek waar ik tot rust kan komen, maar ik zie het ook groter. Ik wil de wereld redden. Er moeten meer bomen en meer natuur komen. Eén boom per persoon. Dat is voor iedereen fijn en we hebben dat ook nodig om de klimaatdoelstellingen te halen,” weet Roel, “Echt affiniteit met creatief schrijven heb ik niet. Ik gebruik mijn woorden voor organiseren, plannen en ideeën uitwerken. Als je iets opschrijft, is het uit je hoofd. We gebruiken zelf onze notitieboekjes ook en hebben iets gemaakt waar we trots op zijn en waarvan we denken dat het voor onze klanten ook goed werkt. Uiteraard hebben we onze ideeën wel bij mensen gecheckt. Mijn inspiratie haal ik voornamelijk uit de kledinglijn van Patagonia. De maker daarvan heeft de filosofie: ‘Elk product dat ik maak, moet zo gemaakt zijn dat het zo lang mogelijk meegaat.’ Deze gedachte staat haaks op hoe andere ondernemers denken. Zij willen graag dat iets gauw stuk gaat, zodat ze meer producten kunnen verkopen.”

De nieuwste notitieboeken van Moyu. Foto: PR

Magische plek

“Iedereen heeft een eigen verhaal om de wereld een beetje mooier te maken. Ons verhaal delen we door dit boek in de markt te zetten. Zo dragen wij ons steentje bij. Moyu is Chinees voor magische plek. Het heeft een dubbele betekenis. Zo kan de natuur die in balans is een magische plek zijn, maar het notitieboek waar je eigen ideeën en gedachten in staan ook,” besluit Roel zijn verhaal.

Nieuwsgierig naar Moyu? Klik hier

Het team van Moyu. Foto: PR

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

(te) Gek: Sander Esselink

‘Kunst moet mij voornamelijk intrigeren en mooi zijn’

Bezig baasje Sander Esselink doet van alles: docent tekenen en decaan op het Marianum in Lichtenvoorde, druk met jongerenwerk in Beltrum en ook nog bezig met verschillende soorten vrijwilligerswerk. Wat niet veel mensen van hem weten, is dat hij sinds zeven jaar van alles verzameld wat met kunst te maken heeft. Hij haalt het overal en nergens vandaan. Sander vertelt over zijn uit de hand gelopen hobby: ”Ik verzamel voornamelijk items die met de naoorlogse kunst van bijvoorbeeld Cobra te maken hebben zoals de documentatie van schrijvers, dichters en kunstenaars die daarbij hoort. Die documenten zijn ook boeiend, want die vertellen het verhaal van de stroming waar de werken toe behoren. Kunst moet mij voornamelijk intrigeren en mooi zijn. Waarom ik iets mooi vind, kan ik eigenlijk niet zeggen. Kunst moet mij gewoon aanspreken. Het geeft een kick om iets te kunnen bemachtigen.”

“Het is begonnen bij een galerietje in Amsterdam. Daar zag ik werken van een bekende kunstenaar die niet duur waren. Bijvoorbeeld een Theo Niemeijer. Die heb ik aangeschaft en toen was het hek van de dam,” legt Sander uit, “Ik heb items van verschillende kunstenaars en ook een aantal werken en koffiekannen van Klaas Gubbels. Hij staat bekend om zijn koffiekannen. In het begin vond ik die absoluut niet mooi, later ben ik van gedachten veranderd en schafte ik als eerste een schilderij met een roze koffiekan aan. Zijn werk is imperfect en heeft iets onhandigs, een soort houterigheid. Dat maakt het charmant. Klaas heeft mij een keer gebeld toen ik hem mailde dat ik een opdracht met zijn werk als referentie in de klas gaf. Ik heb ook een brief en kaarten van Klaas Gubbels aan Jan Cremer. Die heb ik ooit ergens op de kop getikt.”

Beeld en verhaal

Sander:“Ik kon altijd goed tekenen en heb de kunstacademie in Kampen gedaan, want ik wilde altijd tekenleraar worden. ‘Lekker geld verdienen met iets wat ik leuk vind’, dacht ik toen heel simpel. Daarna heb ik Kunst- en Kunstbeleid in Groningen gestudeerd. Ik zie mijzelf niet als een kunstenaar, want ik ben niet echt als maker bezig en heb ook geen exposities. Ik ben meer een verzamelaar en kunstkenner. Tegenwoordig houd ik mij voornamelijk bezig met het verzamelen van bijzondere kunstgerelateerde items. Ik kan iets mooi vinden zonder het verhaal erachter te kennen, want ik kijk altijd eerst naar het beeld. Als ik achter het verhaal kom, kan ik het item vaak nog meer waarderen. Dan gaat het echt leven.”

Sander toont vol trots een koffiekan van Gubbels voor een schilderij van Gubbels. Foto: Barbara Pavinati

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl