Tag: postbode

Waarom ik je op straat niet groet

Je kan zwaaien, toeteren, gillen, hoog- en laagspringen. De kans dat ik je zie als ik met mijn postronde bezig ben is nihil. Het frustreert jou. Het frustreert mij. Maar ik kan er niks aan doen. Brieven rondbrengen is een soort van meditatie voor mij. Ik ben gefocust op de post en herhaal in mijn hoofd altijd het huisnummer van de brief voordat ik hem in de bus doe. Zo probeer ik zo min mogelijk fouten te maken. 

Hogere sferen

Mensen spreken mij weleens aan op mijn niet-groet gedrag. Ze denken dan dat ik hun niet wil kennen of dat ik het hoog in mijn bol heb. Daar heeft mijn, ik geef toe, asociale gedrag niks mee te maken. Als ik je zou zien, zou ik je graag groeten. Misschien wel een handkus geven. Ik begeef mij als ik post bezorg echter in hogere sferen. De herhalende handelingen brengen mij in een staat van probleemoplossend denken. En zo komt het vaak voor dat ik met een vol en zorgelijk hoofd mijn ronde begin en met een uitgewerkt idee eindig. Oog voor mijn omgeving heb ik daarbij nauwelijks.

Laatst kreeg ik een enthousiaste duim van een vriend toen hij voorbijreed in zijn blauwe auto. Hij zwaaide vrolijk en hield mij in zijn achteruitkijkspiegel in de gaten. Toen ik hem wonder boven wonder opmerkte en terugzwaaide kreeg ik een hoeraduim. Eindelijk een keer succes. 

Uithoren

Beroepsdeformatie doet zich ook op andere plekken voor. Alhoewel. Deformatie zou ik het eigenlijk niet noemen. Zelf vind ik het een goede kwaliteit om samen te vallen met je werk. Als je leuk en belangrijk werk hebt zoals ik tenminste. Zo vertrouwde laatst iemand aan Boef toe dat ze liever op feestjes niet met mij praat, omdat ze dan het gevoel heeft dat ze geïnterviewd wordt. Tja…de nieuwsgierige journalist in mij is altijd aanwezig. Ik vraag graag door naar het verhaal achter het verhaal. Ik hoor graag mensen uit. Boef heeft van deze gewoonte ook last. Van hem krijg ik daarom vaak hele korte en gesloten antwoorden. Dit tot mijn grote ongenoegen. Maar goed. Ik snap het ook wel. Dag in dag uit het achterste van je tong moeten laten zien, kan vermoeiend zijn. 

Doei

Of ik naast postbode en journalist ook nog iemand anders ben, durf ik nu eigenlijk niet te zeggen. Privé schrijf ik ook heel veel brieven die ik met een eigen postzegel op de bus doe. En het willen weten wat iemand écht bezighoudt, is mijn tweede natuur. Koken doe ik niet graag, dus een kokkin ben ik niet. Ook geen boerin, want onze moestuin is mislukt. Natuurlijk ben ik wel een goede vriendin. Voor Boef en voor al mijn vrienden. En zo heb ik nog wel meer sociaal wenselijke rollen die ik met verve vervul. Ook niet-wenselijke, maar daar heb ik het liever niet over, want ik ben een net en aangepast meisje. Al groet ik niemand. Al stel ik onbeschaamde vragen. Deze keer doe ik het anders. Deze keer zeg ik doei voor alle keren dat ik je niet gezien heb en eindig ik mijn blog eens een keer niet met een vraag. Doei!

Als ik al wandelend post bezorg, ben ik diep in gedachten. Net zoals op deze foto. Foto: Boef