Tag: Jan Siebelink

(te) Gek : Ria Tuenter

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Ik ben niet echt een schrijver, meer een verhalenverteller’ 

Ze is schrijfster van ‘Mam raakt kwijt’ en ‘Kusje voor popje’. Boeken over de dementie van haar moeder. Volgens Ria Tuenter moet je mensen met dementie niet afschrijven; zij hebben ook liefde en aandacht nodig. Om dat duidelijk te maken heeft ze deze boeken op de markt gebracht. Ook heeft ze freelance gewerkt voor Viva, Big is Beautiful en de Gelderse Post. Op het moment heeft ze een column in het Oude IJsselstreek Vizier en werkt ze op de communicatieafdeling van Gemeente Oude IJsselstreek. Ria: “Ik ben niet echt een schrijver, meer een verhalenverteller. Ik vind het mooier om een verhaal van iemand anders te vertellen dan om een roman te verzinnen. Schrijven is een uitlaatklep voor mij.”

“Bij het schrijven van de boeken over mijn moeder kon ik mijn eigen emoties rond dementie van mij af schrijven. Ik zat met veel frustratie en verdriet. Vooral het schrijven van het verhaal over de gedwongen opname van mijn moeder maakte veel bij mij los. In eerste instantie kon ik het niet opschrijven. Toen het er eenmaal stond, stortte ik in. Het is goed dat ik de boeken heb geschreven. Nu weet ik niet alle feiten meer. De verhalen zaten in mijn hoofd en met het schrijven heb ik ze gedeletet. Het was een soort bevrijding,” legt Ria uit, “Het geeft een goed gevoel dat mensen wat aan mijn verhalen hebben. Ze brengen een stroom op gang die bij mij ook loskwam. De emoties raken. Het is allemaal begonnen als dagboekfragmenten op Facebook. Daar kwamen veel reacties op. Toen besloot ik er een boek van te maken. Niet voor mijzelf, want dan had ik ook wel in een dagboek kunnen schrijven, maar om anderen tot steun en troost te zijn. Ook om ze te laten lachen, want in humor zit ook troost.”

Ria Tuenter interviewt Jan Siebelink. Foto: PR

Witte rozen en vergeet-mij-nietjes

“Sinds 1992 ben ik bevriend met Jan Siebelink. We hebben elkaar ontmoet toen ik hem voor de Gelderse Post interviewde vlak voor zijn lezing in het Borchuus in Varsseveld. Hij was toen nog niet bekend. We zaten aan een kneuterig tafeltje met kleedje en dronken jus. Ik was heel zenuwachtig en vroeg mij af of ik dit allemaal wel kon. Ik had mij grondig voorbereid. Jan was heel relaxed. Als je een kwartje in hem gooit, begint hij te praten weet ik nu. Toen het artikel af was, stuurde ik het hem toe. Een paar dagen later stond hij op de stoep. Vlak daarna is onze correspondentie begonnen. Hij nodigde mij uit om naar Velp te komen en haalde mij toen van het station in zijn eendje. Hij heeft mij toen alle plaatsen laten zien die in zijn boek ‘De overkant van de rivier’ voorkomen,” vertelt Ria, “Inmiddels heb ik zo’n 200 brieven en kaarten van hem. We schrijven over dagelijkse dingen. Wat ons zoal bezighoudt en wat we meemaken. Ons contact is goed. We hebben een trouwe vriendschap. Hij heeft ook de geboorte van mijn kinderen meegemaakt. Toen de oudste werd geboren heeft hij een bosje bloemen bestaande uit witte rozen en vergeet-me-nietjes bij de buren afgeven, omdat hij niet wist dat ik nog in het ziekenhuis lag vanwege de zware bevalling. We gaan weleens samen uit eten en hij heeft ook ooit een kermis in Varsseveld meegevierd.”

Ria heeft zo’n 200 brieven en kaarten van Jan Siebelink. Foto: PR

De cirkel is rond

“In 2016 heb ik het eerste exemplaar van ‘Mam raakt kwijt’ aan hem overhandigd. Toen was de cirkel rond. In zijn boek ‘De overkant van de rivier’ heeft hij het ook over zijn moeder.  En Joyce de Schepper, die mij opdracht gaf voor het interview met Jan in de Gelderse Post, en die ook de redactie van mijn boek heeft gedaan, was er ook. Alle artikelen die ik in de loop van de jaren over Jan verzameld had en in plakboeken had geplakt heb ik toen aan hem gegeven,” eindigt Ria haar rake verhaal.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl


Ria Tuenter ziet zichzelf als verhalenverteller. Foto: PR