Categorie: Rabarbara’s Herinneringenla

Herinneringenla

Het voornemen was plotseling weer daar. Het kwam vanochtend en de goden verzochten mij om er mee aan de slag te gaan. Ik heb hen niets gevraagd. Het toeval bracht ons samen. Sinds ik mij kan heugen heb ik in korte verhaaltjes over mijn leven verteld. Altijd kwamen daar lange en minder lange tussenpozen om de hoek kijken. Vanwege omstandigheden: Echt Groot Leed of Echt Groot Geluk. Beide dooddoeners voor mijn schrijven. Om de tekenen die vandaag tot mij kwamen, kon ik niet heen: ik dien mijn leven weer op te schrijven in al dan niet grappige columns.

 

Herinneringenla

Vanochtend in alle vroegte zat ik beneden op de bank toen er woorden in mijn hoofd begonnen te zingen. Ik dacht eerst dat er zich een verhaal aandiende, maar er ontstond een gedicht over het feit dat ik weer verhalen moest gaan schrijven voor mijn herinneringenla. “Natuurlijk”, dacht ik bij mijzelf, “Natuurlijk heb je weer een idee. Zucht. Zal je het ook dit keer weer tot in de kleinste details kunnen en willen uitvoeren?” Ik kroop terug in bed, vertelde Boef mijn plan. Hij lachte alleen maar en wreef mij onder de neus dat ik beloofd had dat ik niets nieuws meer zou beginnen aangezien ik de laatste tijd van hot naar her aan het rennen was geweest. “Dit is niet nieuw,” legde ik hem uit, “Dit is zo oud als de weg naar Rome. Nog ouder zelfs.” Ik geloofde mijzelf en wist dat ik gelijk had. Ik had het wiel niet uitgevonden, maar het wiel mij.

Dit gedicht schreef ik vanochtend over het feit dat ik weer verhalen moet gaan schrijven.

 

Ik kocht ze

Het tweede teken kwam toen ik met Brenda bij De Koppelkerk in Bredevoort was. We gingen naar de tentoonstelling van Herman Brood en vonden de duurste schilderijen het lelijkst. We keken naar de de overwegend primaire kleuren en bewonderden Hermans sjabloongebruik. Tijdens de cappuccino met monchoutaart die we in het Boekencafé nuttigden viel Brenda’s oog op een boek onder de toonbank: ‘Jozzy, het bibsboek’ geschreven door Alex van der Hulst. Wat een grappige titel! Ze pakte het, las de flap en gaf het aan mij. Ik las de flap ook. Intrigerend. Eigenlijk wilde ik geen boeken kopen. Eigenlijk wilde ik niet meer lezen. Ik zag nog een boek lonken: ‘Ik keek naar boven en had geen idee, verzamelde radiogollums’ van Gerjon Gijsbers. “Kopen die hap!”, dacht ik. En ik kocht ze.

Thuisgekomen toog ik naar mijn atelier met groene zitzak. Lezen, lezen, lezen. Het boek Grand Hotel Europa van Ilja Leonard Pfeijffer kon wel even wachten, ook al was ik erin begonnen. Al lezend vond het wiel mij uit. De woorden stroomden in mijn hoofd en ik kreeg een visioen van dansende schildpadden. Teken drie.

 

De boeken die ik in De Koppelkerk kocht toen ik met Brenda naar de tentoonstelling van Herman Brood ging kijken.

 

Zinnen tot verhalen gieten

Aan dromen moet je werken. Rustig en gestaag. Geef ze de ruimte, spreek ze uit en maak dat ze waarheid worden. Ik weet: niet alles in het leven is maakbaar. Ik weet ook: dromen zijn geen bedrog.

Ik wil nog een boek schrijven. Met mooie harde kaft en leeslint. Een verzameld werk. Verzamelde columns. Sprekende foto’s. Daarvoor moet ik meters maken. Veel woorden in zinnen rijgen. Veel zinnen tot verhalen gieten. Ik ga weer gedachten voor jullie vertalen in woordkunsten. Ik dompel mijn schouders onder in discipline. Het voornemen was er al. Weer. Dit is het resultaat. Weer. De goden hebben gesproken. Weer. Mijn herinneringenla wordt weer gevuld.