Categorie: Overpeinzing

Ook ontroerd

Altijd als Ilja Leonard Pfeijffer op televisie is, is er wel een vriendin die mij appt dat ik naar die en die zender moet kijken. Soms appen zelfs meerdere vriendinnen. Dat heb ik te danken (of te wijten?) aan het feit dat ik zo’n vijftien jaar geleden vol passie over hem blogde, al zijn schrijfsels verzamelde en hem zelfs een rol in een van mijn boeken heb gegeven. Onder de weinig creatieve naam ‘Leo’ die ik hem gaf, beleefde ik allemaal avonturen in mijn hoofd met hem. Tja. Je moet toch wat als intelligente en vrijgezelle schrijfster. 

Ontroerd

Enkele verhalen over hem heb ik met hem gedeeld via een persoonlijk bericht via Facebook. 

Toen was hij nog niet zo bekend als nu en had hij tijd om mijn berichten te lezen. Af en toe kreeg ik een reactie terug. Een keer een uit de drie zalige woorden: ”Ik ben ontroerd.” Toen ik ze las, sprong ik puberaal een gat in de lucht. 

Gegrift

Langzaamaan veranderden ‘onze’ levens. Hij verhuisde van Leiden naar Genua, ik naar de Achterhoek. Allebei met een liefde. Hij heeft de zijne inmiddels verruild voor een ander dame, met wie hij dolgelukkig is. Toen we nog in Leiden woonden, kruisten onze wegen elkaar weleens, maar ik weet niet of ik hem ooit opgevallen ben. We hebben elkaar in ieder geval nooit gegroet. Toch staan deze ‘ontmoetingen’ in mijn geheugen gegrift. Eentje een keer in de kaaswinkel vlakbij de markt. Mijn ouders waren voor mijn verjaardag op bezoek en met mijn moeder ging ik er even naar binnen. Ik weet niet meer wat ik er gekocht heb. Hij kwam binnenwaaien met een lange, zwarte jas die om hem heenzwierde. Kocht een een of ander onbeduidend kaasje en was met de noordenwind weer vertrokken. Mijn moeder had het niet meer en ik ook niet. 

Ruimhartig

Eigenlijk ben ik helemaal niet meer met hem bezig. Zijn laatste boeken heb ik niet allemaal gelezen en ik volg hem ook niet echt op tv enzo. Ik weet nog wel dat ik op een gegeven moment ‘afgeknapt’ was op hem door zijn fatalistische kijk op de liefde. Ik geloof namelijk wel in de liefde en in alle facetten die zij om- en behelst. Volgens mij hij nu ook meer door zijn nieuwe liefde Stella. En dat geluk gun ik hem. Ruimhartig van mij hè? Dat geluk gun ik trouwens niet alleen hem, maar iedereen. 

Fan

Gisteren was Ilja te gast bij Zomergasten. Ik had sowieso het plan om te kijken, maar was benieuwd of er nog een vriendin mij zou appen. Ja hoor! Plingpling deed mijn mobiel. Gelukkig! Mijn verbeelding over hem leeft ook nog in de hoofden en harten van anderen. Een hele geruststelling. Met een dekentje op de bank ging ik er goed voor zitten. Zijn haren waren grijzer dan voorheen, zijn mooie handen zaten vol kolossale ringen en hij sprak ook nog zinnig over de Waarheid, geloven, authenticiteit, de platte aarde en zelfspot. Om maar een greep uit de keur van onderwerpen te noemen. Ik was het niet met alles eens, maar dat komt nog weleens tussen de regels door in een of ander later blog doorsijpelen. Na afloop ging in gelukzalig naar bed. In de wetenschap dat ik al fan van hem was voordat hij bekend werd en met het inzicht dat ook ik een schrijfster ben die soms teksten produceert die buiten haar om ontstaan. 

Ook ontroerd

Ik denk niet dat onze wegen elkaar in het echte leven ooit nog gaan kruisen. Dat hoeft ook niet. Maar ik vind het mooi dat ik even kon meegenieten van zijn doordachte gedachten. Al moest ik hem helaas wel delen met tig en tig anderen. Om er toch iets persoonlijks van te maken, schrijf ik dit blog. In deze woorden is hij een beetje van mij. Meer van Stella, maar dat mag en dat hoort.  Mij raakt hij echter ook. Over gisterenavond zeg ik tenslotte: ”Ik ben ook ontroerd.” Zal Ilja nu ook een gat in de lucht springen?

Een foto die een vriendin van mij van haar televisie appte.

Kan je de tijd vangen?

Soms ben ik als mens wat filosofisch van aard en zoek ik naar antwoorden op vragen die niet retorisch zijn. Jullie hebben al eerder kunnen lezen dat ik niet geloof in leven in het NU, waar veel spirituele goeroes prat op gaan. Wat is tijd dan wel? In mijn beleving is tijd veelomvattender en bestaan er misschien wel parallelle werelden. In de diepere materie ervan heb ik mij niet verdiept en ik weet ook niet of ik dat ooit van plan ben. Ik doe het met wat ik uit eigen ervaring put en waar ik soms in de literatuur wat over lees. 

Twee adems

Tijdens mijn studie Nederlands werd ons opgedragen om het boek ‘Een lied van schijn en wezen’ te lezen van Cees Nooteboom. Daarin zou de schrijver een geraffineerd spel met de tijd spelen en met het schrijverschap. In die periode kwam ik om in de boeken die ik moest lezen en had ik het laten liggen met het voornemen om het ooit eens te consumeren. Tot op de dag van vandaag achtervolgde mij dit boek en vorige week was de kogel door de kerk: ik schafte het aan en las het in een (ok ik lieg: twee) adem(s) uit. 

Verstrikt en verdraait

Daar waar ik vaak schrijf vanuit een instinct of impuls toont Nooteboom zich heer en meester in het uitdenken van een boeiend verhaal. Bij mij ontvouwt een verhaal zich gaandeweg. Ik draai de woorden niet van tevoren met mijn hoofd in elkaar, maar laat ze ontstaan in dat wat zich al schrijvend ontvouwt. Meestal zonder vooropgezet plan. Nooteboom schrijft in ‘Een lied van schijn en wezen’ twee verhalen in verschillende tijden die uiteindelijk in elkaar verstrikt en verdraait raken. Dit alles gebeurt op een natuurlijke en interessante wijze die ook nog eens goed te volgen is. Als schrijver weet ik hoe moeilijk het is om zoiets uit te denken en in elkaar te zetten en ik zal mijzelf nooit aan zo’n constructie wagen. Wat niet wegneemt dat je met de vorm en structuur van je verhaal ook iets kunt vertellen over de ideeën die je aanhangt. 

Inspiratie

Het boek is zeker een aanrader voor mensen die een kijkje in de keuken van het schrijverschap van Nooteboom willen nemen en ook voor mensen die gefascineerd zijn door het begrip tijd. Zelf heb ik er inspiratie uit geput voor mijn sprookjesboek dat ik nu aan het schrijven ben. In de loop van de tijd krijgt het steeds meer vorm en ontstaat er een rode lijn, maar ik wil ook met de structuur van mijn boek iets gaan vertellen. Nu pretendeer ik niet een literair meester te zijn, maar ik ben wel een geboren schrijfster die leert van wat ze leest. Dit boek suddert nu in mijn onderbewuste en zal in de toekomst zijn weerslag tonen in mijn woorden. 

Vangen

De vraag ‘Wat is tijd dan wel?’ is denk ik niet in een mensenleven te beantwoorden. Misschien dat ik als ik doodga antwoord krijg op deze vraag. Dat brengt mij weer op een andere vraag: is er leven na de dood? Daar zijn ook boeken vol over geschreven met verschillende antwoorden. Ik kan alleen zeggen: ik leef NU (al geloof ik daar dus niet in) met al mijn parallelle werelden, met mijn verleden en mijn toekomst, met mezelf, met jullie met jou. En ik probeer het leven te vangen in woorden om toch enig houvast te hebben in de dynamische draaikolk die zij is. Ik probeer ook dit moment te vangen in de tijd. Als dat mogelijk is tenminste. Want wie of wat laat zich vandaag de dag (of gisteren of morgen) nog vangen?

Een fascinerend boek dat speelt met de tijd.

Alegria

Ik kocht gisterochtend rond lunchtijd met bepoederde jas van een koffiekoek die ik stiekem bij Bakker Bart oppeuzelde een boek waarvan ik de inhoud al kende. Onbewust dan. Dat weet ik, omdat ik het boek thuis gelijk ging lezen. Aangetrokken door de titel en vrolijk oranje kaft schafte ik ‘Alegria, vind vreugde in kleine dingen’ van Frances Miralles en Álex Rovira aan bij Kramer in Winterswijk. De vrouw die het mij verkocht was de vrouw die altijd bij DWDD was, maar ik deed net of ik haar niet herkende. Ik was in heel mijn Achterhoekse leven nog nooit in die boekwinkel geweest en vond dat, nu ik toch in Winterswijk was, daar maar eindelijk verandering in moest komen. Al struinend door de winkel kon ik de verleiding niet weerstaan en stond ik bij de kassa met ook nog een paar pennen en een chic en eigenlijk veel te duur notitieboekje.

Feest van herkenning

Alegria. Het woord is net zo vreugdevol als het boek en het leven zelf, het betekent niet voor niets ook vreugde. Het boek bevat filosofische brieven van de schrijver aan een vriend die alegria kwijt is over dat wat alegria eigenlijk is: “Alegria laat zich niet voorschrijven. Alegria is niet te koop. Alegria kun je niet leren. Alegria kan niemand je geven. Alegria kun je niet zoeken. Je kunt haar alleen vinden, want ze is altijd hier, bij jezelf, ook al besef je dat soms niet.” Het boek was een feest van herkenning van een weg die ik nog niet zo lang geleden heb afgelegd; toen ik nog niet dansend en schrijvend door het leven ging. Het bevat wijsheden die ik zelf ook zou aanraden aan mensen die van een beetje bedroefd tot diepongelukkig zijn. Het boek inspireerde mij ook weer om meer na te denken over de inhoud en vormgeving van mijn sprookjesboek dat ik nu druk aan het schrijven ben. Over de boodschap, of liever gezegd mijn boodschap die ik wil uitdragen. Want dat ik de wereld wat te zeggen heb, staat als tien palen boven water. (En misschien heb ik jouw paal ook wel wat te zeggen.)

Terugschakelen

Een sprookjesboek schrijven is een proces dat ik ben aangegaan voor dit jaar. Dat proces heeft tijd nodig. En dat geeft mij vreugde. Of liever gezegd alegria. Zouden mijn eerste grijze haren dan toch wat geduld en rust in mijn leven hebben gebracht? Ik die altijd alles hup, hup, hup voor elkaar wil krijgen? Soms is het goed om even terug te schakelen, geschreven woorden weg te leggen en de tijd zijn beloop te laten doen. Er bestaat ook zoiets als voortschrijdend inzicht. 

Stoutste dromen

Inmiddels heb ik al enkele sprookjes geschreven waar ik trots op ben. Maar ik gooi ze nog niet op het internet. Ik bewaar ze voor mijn fysieke boek, dat jij zeker weten gaat aanschaffen. Wie wil mij nu niet kennen? Al ben ik op dit blog al poedelnaakt met mijn ware gedachten. Het sprookjesboek overtreft alles. Zelfs mijn eigen stoutste dromen. Maar nog een paar maanden geduld lieve lezer. Een paar maar. Lukt dat?

Het vreugdevolle boek en nog vreugdevollere notitieboek

2020: het jaar van de woordsterren

Het jaar is vers. Nog niet eens een dag oud en ik vreet haar al op met huid en haar. De gevreesde decembermaand is achter de rug en ik ben klaar voor 2020. Ik heb zin, heel veel zin, in het nieuwe jaar. Ik bruis en ik hoop jij ook. Samen gaan we er wat van maken, want ik wens je vaak tegen te komen bij mijn schrijfcafés, in mijn mailbox, op mijn social media of gewoon op een bankje in het park of in een hoekje van mijn hart.

Twinkelende lach en druppelende traan

Sprookjes zijn nog steeds een belangrijk thema in mijn leven. Ik geloof graag in ze. In mijn laatste notitieboekje schrijf ik volop aan mijn levenssprookje en rol ik van het ene bizarre in het andere nog ongeloofwaarderigere verhaal. Ook in mijn schetsboek maak ik overuren met potloden en stiften. De komende maanden volg ik bij Lieke van Werkplaats STAP nog enkele verdiepende gesprekken om alles grondig uit te werken en in elkaar te verweven, want ik wil mijn twinkelende lach en druppelende traan benoemen in symbolische en zeer wijze taal. Het verhaal van mijn leven vertelt op een lichtvoetige en speelse manier, dat is mijn droom. Mijn lezer meenemen over bergen en door dalen. Samen met mijn reisgenoten.

Opleiding ‘Schrijven als Therapeutisch Middel’

Het blijft niet bij zelf schrijven. Ik wil mij meer bekwamen in de kunst van schrijfles geven. In maart ga ik daarom starten met een opleiding ‘Schrijven als Therapeutisch Middel’ bij SPSO in Huis er Heide. Zo hoop ik de theorie over autobiografisch schrijven, die ik op een natuurlijke manier al mijn hele leven in de praktijk breng, ook via mijn hoofd in de gevoelige vingers te krijgen. Mijn plan is om er dan op (nog) professionelere wijze deze kennis over te brengen en daar meer en meer mee naar buiten te treden. Ik kijk erg uit naar deze ongetwijfeld leerzame dagen en de nachten die ik daarvoor in een hotel ga doorbrengen. Het OV van de Achterhoek naar het Westen is en blijft bedroevend.

Woordsterren

Alles komt samen en valt in elkaar. Ik reik naar de hoge zilveren woordsterren in de diepe donkerblauwe nacht die ik graag in menselijke proporties naar de wentelende aarde breng. Ik vang hun schittering en glans in mijn zinnen. Dan poets ik net zo lang aan de structuur van mijn tekst totdat hij begint te glimmen. En niet alleen van trots. De woorden hebben hun bestemming gevonden en ik mijn doel in het leven: deze twinkelingen voor jullie opschrijven. Blijven jullie mij lezen?

2020 is het jaar van de woordsterren. Foto: Krang Creaties

Tijdreiziger

Flashbacks. Old memories. Ik las zojuist wat oude verhalen en recensies die ik geschreven heb en werd even teruggeslingerd in de tijd. Wat heb ik al veel in woorden gevangen! En eigenlijk ook veel zo tussen de regels door, zonder wat te willen zeggen. Ik verbaas mezelf en ik verbaas me over het feit dat ik anderen waarschijnlijk ook heb verbaasd. De kat is op haar pootjes terecht gekomen. Zoals altijd. Al zie ik mijzelf liever als een varkentje dat nog gewassen moet worden. Als Miss Piggy die Kermit volop mept met haar handtasje. Wie of wat Kermit is, laat ik maar even in het midden. Hij kan zoveel dingen zijn. Misschien jij wel! (Of je auto).

 

Thee

Ze zeggen weleens dat je het verleden moet laten rusten. Wat geweest is, is geweest. Ze zeggen ook dat je niet moet nadenken over de toekomst, want ‘daar kan je niet in kijken’. Je moet leven in het nu, vandaag. Dit moment. Deze seconde.

Wat nu als ik het daar niet mee eens ben? Als ik van mening ben dat het verleden je vormt en de toekomst je leidt. Oude koeien moeten in de sloot blijven en de onderste steen hoeft niet altijd boven. Dat vind ik wel, maar de lessen die je hebt geleerd moet je trekken. Maar hoe trek je die dan? Dat gaat meestal vanzelf. Met de tijd. Door erover na te denken. Door te voelen waar je de mist in ging. Als je zwarte thee drinkt is het buideltje een paar keer op en neer hijsen in een kopje heet water voldoende. Drink je echter kruidenthee dan moet je het zakje langer laten hangen. Is jouw les een zwarte thee of een kruidenthee? Of allebei? Of heb je meerdere lessen? Vraag jezelf dat maar even af. Of valt er geen wijsheid te halen uit jouw levenspad en is alles oploskoffie? Laat je thee trekken in het kokende water van het leven. Even laten afkoelen en dan smakelijk opdrinken. Met een gelukskoekje.

 

Visitekaartje

Zonder dromen geen richting. Zonder verlangen geen toekomst. Als je nadenkt over dat wat je echt wil, kan je plannen maken om dat te bereiken. Je hebt dan een ijkpunt dat verder ligt dan vandaag. Je gaat ergens naartoe, wil ergens heen. Ik neem vaak een voorschot op mijn toekomst. Ik gedraag mij soms alsof ik dingen al heb bereikt. En wonder boven wonder worden ze dan waar. Is dat geluk? Is dat toeval? Wie zal het zeggen? Zo droomde ik al heel lang van Rabarbara, maar wist ik niet hoe of wat. Ik had een naam en een idee voor een logo. Sommigen verklaarden mij voor gek, maar ik wist dat het potentie had. Toen heb ik op een gegeven moment ‘gewoon’ visitekaartjes laten drukken en ben die gaan uitdelen. Ik sprak en schreef veel over mijn droom en ontmoette mensen die met mij mee droomden en mij verder hielpen. Moet je zien waar ik nu, drie jaar later, sta!

 

Tijdreiziger

Ik denk dat het de kunst is te switchen tussen de getrokken thee in je leven en het uitdelen van visitekaartjes. Daarvoor hoef je niet in het gevreesde nu te bivakkeren en altijd aards en nuchter te zijn. Je mag van mij een tijdreiziger zijn zonder ankerpunten. Je hebt momenten dat je mijmert over je verleden en de lessen en staat daar even bij stil. Dan fantaseer je over de toekomst en bepaal je je richting. Je koers verandert steeds, omdat je tijdens deze reizen verder gaat in de tijd en geschiedenis schrijft, het nu verschuift zich continu. Je ontmoet nieuwe mensen en bereikt dingen. Je mag vluchten in je gedachten voor het dagelijkse leven. Je mag van hoog naar laag vliegen, van verleden naar toekomst, lachen, huilen, boos zijn. Gelukkig en ongelukkig. Die beweging zorgt voor creativiteit en inzichten. Die beweging heeft mij gebracht tot waar ik nu sta. Maar dat nu is niet statisch, maar dynamisch. Dat nu omhelst vroeger en later. Ik ben op weg. Met mijn rugzak en mijn dromen. Ik voorzie nog heel veel verhalen over mijn reizen. Ik voorzie jou.

 

Als een echte tijdreiziger fantaseer ik met mijn rugzak over de toekomst. Foto: Krang Creaties

Geheimen deel je (op papier)

Grote geheimen, stiekeme gedachten. Niemand mag ze weten. Zelfs jijzelf niet. Toch wil je ze kwijt en met iemand delen. Maar met wie? Aan wie kan je dat wat het daglicht niet verdraagt beter toevertrouwen dan aan het papier? Wie is er een trouwere vriend en luistert er naar je zonder te oordelen en je te sturen? Dus: koop een mooi schrift met harde kaft en bombardeer dat tot dagboek! Een aantal maanden geleden zette ik die stap en ik sta versteld van het resultaat. Rust in mijn hoofd en hart en de zaken die om urgentie vroegen, bleken lang niet zo belangrijk. Alles is relatief.

 

Uitdaging

Het werd tijd voor een volgende stap. Al lange tijd zag ik in mijn tijdlijnen op social media advertenties van Vertellis. Zij bieden producten voor bewuster leven in onze snelle wereld. Met anderen of met jezelf bezig zijn zonder internet. Het leek mij heerlijk. Tussen die producten zat ook een dagboek met vragen en opdrachten voor 13 weken lang. Je bepaalt zelf wanneer en hoe vaak je schrijft. Een uitdaging die ik wel aan wilde gaan.

 

Een pagina uit het Vertellis dagboek.

 

Bewustwording

Inmiddels schrijf ik al bijna een maand in dit dagboek en ik moet zeggen dat het mij wonderwel bevalt. Vlak voor het slapen gaan pak ik het, beantwoord ik de korte vragen, schrijf ik op wat ik heb gedaan en geef ik die dag een cijfer. Het lijkt mij mooi en zinvol om over drie maanden een naslagwerk te hebben met mijn ups en downs en dan te zien waar die schommelingen vandaan komen. Ook ben ik benieuwd of het elke dag opschrijven van daar waar ik dankbaar voor ben mij dan een gelukkiger persoon heeft gemaakt. De theorie is namelijk dat als je jezelf dagelijks focust op dankbaarheid je vanzelf blijer wordt. Het hoeft daarbij niet om grote dingen te aan. Juist niet. Het kan ook om een kopje koffie met een vriend draaien. Ben ik bewuster gaan leven en ‘onthaast’ na drie maanden schrijven? Wie zal het zeggen?

In de opbouw en inhoud van het dagboek zitten veel psychologische feitjes en weetjes verstopt, waardoor je bewust en onbewust een persoonlijke groei kan doormaken. Het boek is opgedeeld in Chapters met een verschillend thema, bijvoorbeeld: beïnvloeden van geluk, relatie met jezelf en anderen, loslaten & groeien. Elke dag dat je schrijft sta je even stil bij de dag en denk je na over een vraag. Iedere zevende dag denk je na over waar je mee wilt starten, dat wat je wilt stoppen en waar je mee wilt doorgaan. Zo word je je bewust van waar je staat. Heel mooi!

 

Niet alles is geheim

De komende maanden zal ik trouw in dit dagboek blijven schrijven. Daarnaast heb ik nog een schrift waarin ik, wanneer nodig, lange gedachtestromen en ingewikkelde ideeën opschrijf. Die worden in de loop van de tijd vanzelf kort en behapbaar. Ik bewonder de helende kracht van schrijven al mijn hele leven. Ook de inwerking van mijn geschreven woorden op anderen. Niet alles van mij is namelijk geheim. Ik ben van mening dat geheimen mensen ziek maken en voor veel frustratie zorgen. Daarom is veel van mij openbaar en te lezen op dit blog of elders. En dat wat te duister is voor veel woorden, geef ik de suggestie van een beeld of gedicht. Zo kom ik er wel. Of ben ik er al?

Wat zijn jouw geheimen die je niet durft te delen? Denk je dat je ze wel in een dagboek zou durven opschrijven? Of misschien kan ik je uitdagen ze te openbaar te maken in een reactie op dit blog?

 

Het opschrijven van geheimen in een dagboek geeft mij rust en inzichten. Foto: Krang Creaties

 

 

Hoe ik mijn Kerstdraak probeer te verslaan

Als er iets is wat ik in mijn leven wel geleerd heb, is het dat mijn gevoel mij nooit bedriegt. Soms maken de draken in mijn hoofd mij in de war, spiegelen ze mij zaken vertekend voor door het uitvergroten van details of het verkleinen van essentiële zaken. Hoe versla je de draken in je hoofd, ofwel: hoe weet je wat voor jou het beste is en of je op de goede weg zit?

 

r-woord

Mijn oplossing voor de draken is het gevreesde r-woord: rust. Boef zet mij altijd voor het blok door mij tot rust te manen. Inmiddels is dat al zo vaak gebeurd dat mijn nekharen rechtovereind gaan staan als hij het r-woord bezigt. “Laat mij nu gewoon even razen!”, denk ik dan als een stampvoetend kind van twee (drie kan ook). Hij mag het van mij niet meer uitspreken, want ik ga er halsstarrig van steigeren. Toch weet ik dat r het beste is. Even de boel de boel laten. Even niks doen. Gewoon op mijn atelier zitten met een muziekje op de achtergrond en in mijn dagboek schrijven. Lekker alles neerpennen wat in mij opkomt, zonder censuur, zonder rekening te houden met een eventuele lezer. En het geschrevene dan een paar weken later met een glimlach teruglezen: was dat nou zo belangrijk? Of dan tot de conclusie komen dat de beladen emotie in heldere woorden tot behapbare proporties is teruggebracht. Nu het zelf nog leren geloven.

 

Het hele jaar lief

Wat het is met mij en Kerst weet ik niet. Aan de ene kant vind ik het een mooi feest. Het is liefde uitdragen tot op het onderste van de kan. Maar het moet op die dagen. En als iets moet, dan vind ik het niet leuk. Ik wil het hele jaar door lief zijn. En dat probeer ik dan ook te zijn (behalve als ik als tweejarige aan het razen ben). Kerst zorgt bij mij voor stress. Ik voel mij verplicht om van iedereen te houden en omdat het moet, haat ik mijzelf, omdat dat mij dan niet lukt. Er zijn zat mensen die ik niet lief vind en dat kan (mag) ik dan niet met elkaar rijmen. Boef en ik hebben Kerst een jaar niet gevierd, maar toen voelde ik mij ook raar en naar. Ik probeer er altijd maar het beste van te maken, maar vaak is het too much. Gelukkig begrijpt mijn (schoon)familie dat wel, maar dan voel ik soms ook nog de druk van de hele wereld. En dat terwijl ik maar een nietig mens ben.

 

Kerstbom

Op deze dagen mis je vaak de mensen die er niet (meer) zijn extra veel. Ze zijn dood of om een andere reden uit je leven verbannen. Je wordt met je rode neus en volle buik op deze lege feiten gedrukt, maar je mag er niet aan denken, want je moet blij, vrolijk en gezellig zijn. En dan barst bij mij de kerstbom door een drakendetail. Hoe ik moet voorkomen dat ik ontplof om zaken van tandpastadopniveau weet ik niet. Ook Boefs r helpt dan niet, zelfs niet als ik er zelf aan denk.

Dit jaar heb ik alle mensen die ik heel veel liefheb met een persoonlijk cadeau en lieve woorden in de maand december verrast, die ik ietsje minder liefheb konden een persoonlijke mail van mij verwachten en de rest een persoonlijke app of bericht op Facebook. Maar het heeft niet geholpen. Er kwamen toch tranen. Zo lezer, nu weet je aan de hand van deze ontboezeming gelijk je plek in mijn bestaan, maar eigenlijk kan ik beter zeggen dat ik mijn eigen plek weet. Dat is de schrikbarende conclusie.

 

Een begin

Kerstmis is niet aan mij besteed. Ik wil het hele jaar door van iedereen houden, cadeautjes geven en kaartjes sturen. Alleen dat trekt mijn portemonnee niet. Misschien dat ik maar een feestdag op mijn naam moet zetten. O…die is er al! Op 4 december is het de dag van de heilige Barbara. Niet dat ik meen dat ik de wereld kan redden, maar ik kan en wil haar een beetje mooier maken. En dat probeer ik ook. Met woorden. Het hele jaar door. Met Kerst lukt mij dat niet zo goed als ik zou willen. Het wereldvrede-gevoel bereik ik nooit. Misschien ook wel omdat dat er niet is. Kunnen jullie mij dat vergeven? Misschien kunnen jullie het beter de grote boze wereld vergeven. Dat er op haar mensen rondlopen die niet lief zijn, maar stout. Heel understatementachtig stout. Ik maak het allemaal de rest van het jaar weer goed. Dan ben ik weer lief voor mijn pappenheimers. In mijn eigen kleine wereld. Die gelukkig steeds groter wordt. Het is een begin. Het is voor mij de betere weg. De goede weg. De Rabarbaraweg. En ik wil je vragen: “Loop je een stukje met mij mee?” Ik vraag het je met mijn lieve, scheve fotohoofd. Dan verslaan we samen mijn Kerstdraak! (En misschien ook wel de jouwe.)

 

Hoe ik ondanks mijn liefde voor mijn medemens een Kerstdraak moet verslaan. Foto: Krang Creaties.

Vensters naar de ziel

Waar worden de vensters naar de ziel beter geopend dan op heilige grond? En op heilige grond begaf ik mij gisteren, samen met Annekée en Mark. We gingen kijken naar het openluchtspel met de naam (hoe kan het ook anders) ‘Op Heilige Grond’ geschreven door onze hoofdredacteur Gerwin. Lachend en ademloos nieuwsgierig begaven we ons tussen de ruisende bomen en zaten we met zo’n vierhonderd mensen op een houten tribune. We keken uit naar de woorden waar Gerwin maanden aan gewerkt had. En ik was vooral benieuwd waar naartoe ze mij op reis zouden nemen. Wat dat doen woorden altijd met mij. Vol vertrouwen ging ik met ze mee. Ik ging op avontuur met de nonnen in hun zoektocht naar geld. Het klooster moest opgeknapt worden en om dat voor elkaar te krijgen, namen ze verschillende gasten, ieder met een eigen uniek verhaal, in huis. Slinkse grapjes kwamen als een duveltje uit een doosje en een dansje was de in habijt geklede vrouwen ook niet vreemd. Schijnbaar haalden ze zich allerlei zaken op de hals. Schijnbaar.

De avond nam mij mee naar mijn lach en mijn schijn. Er kwam geen ‘deus ex machina’ aan het eind, al werd er wel naar een verrassende ontknoping toegewerkt. Tussendoor waren er veel schuddebuikmomenten door de allerhande grapjes die als knipogen in het stuk waren verwerkt.  Zo gooide de schrijver Jules propjes met mislukte schrijfsels uit het kloosterraam en wierp een non die lachend terug. Ook werd er de draak gestoken met hedendaagse zaken zoals Facebook. Willen we niet allemaal daar perfect glimlachend opstaan? En dan non 007 die als een echte James Bond probeerde te infiltreren, maar op een gegeven moment overduidelijk ontmaskerd werd.

Maar er was meer aan de hand. Er speelde ook een grotere lijn. Gedurende het hele stuk werd het publiek op het verkeerde been gezet door de dubieuze acties van Chris, de zoon van de aannemer waarmee de nonnen in zee waren gegaan voor het opknappen van het klooster. ‘Het zal toch niet…’ en ‘Oeioeioei…als dat maar goed gaat,’ dacht ik. Aan het eind bleek dat de schijn het publiek bedrogen had. Er was gewerkt aan een mooie verrassing en niet aan een of ander duister of luguber plan. Een optreden van de band Moonyard was de klap op de vuurpijl van het mooie slottafereel waar in alle snode plannen naartoe was gewerkt.

We dronken na afloop tijdens de klanken van de swingende band wat drankjes en kletsten totdat op een gegeven moment ook mijn schijn even tot ontploffing kwam. Is hier sprake van een parallelle gebeurtenis? Was de geest van de toneelschrijver in mij gekropen? Had de heilige grond de vensters naar mijn ziel geopend? Wat moet ik nu doen? Bidden tot God? Of zal een telefoontje aan hem volstaan? Wie zal het zeggen? Wat als een paal boven water staat, is dat de terugreis naar huis door onvoorziene omstandigheden drie keer zo lang duurde. Ons oriëntatiegevoel en de moderne mobiele techniek liet ons aan alle kanten in de steek. We verdwaalden en modderden maar wat aan op de weg. “Ik ga geen recensie schrijven over het stuk, maar meer een aaneenrijging van gedachten,” had ik tijdens deze extra lange rit nog tegen Annekée en Mark gezegd. En dat is het ook geworden. Een soort verslag van een dag. Of liever gezegd avond. Maar dat rijmt niet.

Een zuster met levensechte meloenen.

 

Verliefde schrijver Jules en Rika.

 

Drinken en dansen na afloop.

 

Rabarbara met schrijver Gerwin op de foto!

 

De vensters naar de ziel

Kantelaar

Soms komen al de bewust en onbewust uitgezette lijntjes plotseling samen. Dat mijn weg een lange te bewandelen was, is en zal zijn, is mij inmiddels wel kristalhelder. Ik denk dat ik mijn einddoel nog geenszins in zicht heb. En niet in de laatste plaats omdat ik er geen weet van heb waar ik naartoe ga. Er zijn steeds kleine tussenstations waar ik naar onderweg ben. Daar verblijf ik even, om vervolgens weer verder dan de dan zichtbare horizon te kijken. Het leven is een reis. Voor mij weliswaar meer een innerlijke verplaatsing dan een externe. Al kan ik met volle overtuiging zeggen dat ik niet wereldvreemd ben met mijn Italiaanse achtergrond en verschillende plaatsen waar ik gewoond heb.

Ik ben blij dat ik kan vertellen dat mijn leven een leuke zoektocht blijkt te zijn. Vol uitdagingen en kansen. Eerlijkheid gebiedt mij te bekennen dat ik er niet altijd zo positief naar gekeken heb als ik nu doe. En eerlijkheid laat mij nu schrijven dat er soms ook weleens dagen zijn dat er zich donkere wolken boven mijn hoofd samenpakken. Uiteindelijk heb je altijd de keuze wat je met die wolken doet. Verzuip je in de buien die ze lozen of laat je ze na verloop van tijd overwaaien? Er is namelijk altijd wel een wind die ze weg wil blazen. Kijk je reikhalzend uit naar de zon die achter ze schijnt of blijf je voor altijd met een bokkenpruik op lopen?

Er is een sterke innerlijke drang in mij om de wereld mooier te maken. Dit in de breedste zin van het toch wel smalle woord. Met mijn blije woorden en kleine daden probeer ik op microniveau het verschil te maken, zonder mijzelf weg te geven. Want waar zou ik zijn zonder mezelf? Ik verander de wereld en begin bij mijn eigen persoontje en mijn naaste omgeving. Simpelweg door lief te hebben en dat te uiten. Door blije gedachtes om te zetten in positieve woorden en zo mensen een feest van herkenning te geven in mijn blogs.

Een concreet startpunt om dit alles groter en officiëler te maken is er inmiddels zoals jullie weten: Rabarbara is sinds 1 juni een onderneming. Komt deze stap voor sommigen uit de lucht vallen, ikzelf en de mensen die mij na staan weten dat het een proces is geweest. Een proces van jaren, zo niet van heel mijn leven. De drive om mijzelf uit te dragen, te laten zien wie en wat ik ben, heb ik altijd al gehad. Externe factoren brachten mij op zijsporen, lieten mij verdwalen en leerden mij belangrijke lessen. Uiteindelijk kwam ik toch weer terecht op de weg die ik eigenlijk lang geleden al ingeslagen was: de (uit)weg van de woorden.

Anke gaf mij als cadeau voor de start van mijn onderneming het boek: Het Kantelingsalfabet, Verandering begint met delen. Het is een co-creatie van een divers gezelschap van kantelaars, dwarsdenkers, verbinders, friskijkers en verkenners. In dat boek las ik 101 verhalen van mensen en in de meeste daarvan herkende ik mijzelf. Meerdere mensen bewandelen dezelfde weg. Weliswaar hun eigen pad, maar wel met hetzelfde gedroomde einddoel: een betere, mooiere en natuurlijkere wereld. Ze dragen allemaal binnen hun invloedssfeer hun eigen steentje bij. En ik, ik kantel mee met mijn woorden. Zoals ik mijn hele leven al doe en zal doen. Kantel jij op jouw manier mee?

 

Het boek dat mij liet inzien dat er meerdere mensen zijn die hetzelfde pad bewandelen.

Over Peachez, een romance: liefde als vals voorwendsel

Ook als vals voorwendsel en slechts een voorwerp van projectie loont ze moeite volgens proffie. Zij heeft hem het hoofd op hol gebracht en het gevoel gegeven dat hij echt leefde, meer leefde dan tussen de woorden van geleerden waar hij zich al decennialang dagelijks mee omringde. De prijs die hij voor haar moet betalen is hoog, in ogen van de buitenwereld tenminste. Hijzelf voelt zich echter geen gevangene achter de rauwe tralies waar hij nu zit. Alles is de moeite waard geweest. Haar treft geen blaam. Zij is onontkoombaar de liefde van zijn leven. Zij is Sarah Peachez.

Dat liefde je gek kan maken weet ik. Dat woorden je tot waanzin kunnen drijven weet ik ook. Zover als proffie in ‘Peachez, een romance’ heb ik het echter nooit laten komen. Ilja Leonard Pfeijffer schrijft in mooie, lange volzinnen over een emailliefde die opbloeit, maar die op een grote leugen gebaseerd is. Proffie en Sarah corresponderen zich een ongeluk, wat onze geleerde tot over zijn oren verliefd maakt. Haar woorden worden echter geschreven door drie mannen, die verspreid over heel de wereld een criminele bende vormen. Uit op kwaad en eigengewin. De ontgoocheling en desillusie die volgen, breken proffie niet. Hij is en blijft dankbaar voor deze turbulente ervaring. Zijn gevoel was echt.

Gevoelens zijn altijd echt. Dat vind ik ook. En liefde kan een projectie zijn. Kan. Ze is namelijk ook een spiegel, klankbord, warm bad en koude douche. Alles en niets. Alles of niets. Soms heb je er een keuze in. Soms niet. Dat ze de leidraad is in vele levens staat als een paal boven water. In dit boek lezen we over haar intensiteit en grensverleggende drang. Proffie trotseerde zelfs zijn vliegangst voor haar (en deed nog gekkere dingen). Laat de liefde een spel zijn dat we spelen, maar nooit een leugen. Ook al is ze zins begoochelend, laat oprechtheid zegevieren is mijn credo.

Ik weet niet of ik proffie’s onwankelbare vergevingsgezindheid zou kunnen voelen. Al begrijp ik wel dat het ervaren van liefde een wonder is dat je wil kennen. Maar ik heb haar al zo vaak gevoeld en zo vaak ervaren dat ik blij ben dat ik eindelijk thuis ben. Thuis bij Boef, die mij loslaat als ik wil vliegen, vasthoudt als ik dreig te vallen, wiegt als ik huil en de kans geeft om mijzelf te zijn en worden. Zo kan het ook. En zo wil ik het.

Niet voor iedereen is geluk in de liefde weggelegd. Sommigen blijven hun leven lang zoekende, anderen vinden op hun zestiende al de ware. Ik denk dat het soms ook een keuze is. Een keuze voor jezelf en de ander. Een keuze voor bouwen in plaats van wegwerpen na gebruik. Je moet open staan voor je eigen hart en dat van de ander in zijn volle glorie kunnen aanschouwen, respecteren en niet in de laatste plaats: voelen zinderen. ‘Two hearts beat as one,’ zingt Bono van U2 in het verder redelijk pathetische nummer. Ik kan ook niet stoppen met dansen. Dansen met Boef. Ook als hij plagend stokstijf blijft staan, wervel ik wel om hem heen. Hij is geen projectie, geen vals voorwendsel. Hij is echt. Levensecht. Alleen daarom houd ik al van hem. En om nog meer onnoembare redenen. Kusje voor jou Boef. Kusje.

Filosofische boeken over de liefde zijn altijd mooi. Zij stemmen mij tot nadenken en geven mij waardevolle inzichten. Zeker die van Ilja.