Maand: september 2020

Het vrouwtje van Stavoren staat symbool voor mijn vakantie

Cambiare aria. Dat is nodig volgens mijn vader. Volgens mij ook. Het is goed om af en toe van omgeving, of ‘lucht’ zoals de Italianen het noemen, te veranderen. Er even een andere routine op na te houden op een ongebruikelijke plek waardoor er figuurlijk een frisse wind door je hoofd kan waaien. Vaak helpt het als er letterlijk ook wind waait en je buiten bent. Vakantie is ideaal voor dit soort momenten, maar er zijn meer mogelijkheden. Zelf plan ik het hele jaar door verfrissende uitstapjes in voor de nodige, al dan niet creatieve, inzichten. Ze hoeven niet lang te duren, groots opgezet of ver te zijn. Een kopje thee op een terras een paar dorpen verder kan al genoeg zijn. 

Eindelijk vakantie

Soms is het goed om ook samen eens ‘aria te cambiaren’. Boef en ik trokken er deze september samen knus een midweek op uit. Dat doen we wel vaker. Even weg uit de dagelijkse sleur. Even de zinnen verzetten. Nu hadden we vakantie. Joepie! Eindelijk! Op vakantie gaan is een luxe die we ons eigenlijk niet altijd permitteren. We proberen wel altijd er een paar dagen op uit te trekken met kleinere of grotere uitstapjes. Echt wat langer van huis gaan, doen we niet vaak.  Als we dat doen, plan ik dat wel een tijd van tevoren in verband met de voorpret, maar nu met corona hebben we alle ontwikkelingen even afgewacht. 

In het zonnetje voor onze blokhut. Foto: Boef.

Frisse wind beleving

Een week voor de week waarin we er eventueel op uit wilden trekken, checkte ik de site van natuurhuisjes nog even. Stiekem had ik al weken een huisje op het oog. En stiekem had ik dat al aan iedereen laten zien. Het huisje was echter op het moment dat ik wilde boeken al bezet. Helaas pindakaas. Ik surfte wat rond op verschillende sites en kwam uiteindelijk toch weer uit op een huisje van natuurhuisjes. Ik (ja, ja…sommige dingen mag ik zelf beslissen) koos een huisje dat nog vrij was vanwege de prachtige locatie. Het bevond zich midden op een schiereiland in een jachthaven in Warns, met een prachtig vrij uitzicht op water en boten. Dat het sanitair zich 40 meter verder bevond vond ik toen te verwaarlozen. Ik koos voor de frisse wind beleving en bleef vierkant en tonnetjerond achter die keuze staan. Ook die keren dat ik om vier uur ’s nachts wakker werd met een volle blaas en in het pikkedonker met een lamp over het uitgestrekte grasveld zwalkte om de wc te bereiken. “Wie heeft het huisje ook al weer uitgekozen?”, plaagde Boef mij toen ik daar mijn beklag over deed. Diezelfde vraag stelde hij mij ook toen ook hij een keer midden in de nacht de kou in moest terwijl hij dat eigenlijk niet wilde. Gelukkig konden we wel zonder wc-rol, want papier was er voldoende in het ‘plasgebouw’. 

Ons uitzicht bij de blokhut. Foto: Boef.

Eenvoudige charme

Deze midweek was met de wandeling naar Stavoren waar we ook het beeld van ‘Het vrouwtje van Stavoren’ zagen, het rondstruinen in het Rysterbosk tot aan het IJsselmeer met fanatieke kitesurfers, het tuffen via omwegen met de auto langs enkele Friese meren met tot slot een etentje in Hindeloopen, en het bezoek aan het Fries Scheepvaart Museum in Sneek (onze hele vakantie stond toch in het teken van water en boten?) een vakantie om met een blije glimlach en uitgewaaide geest vandaan te komen. We hebben in korte broek in de volle zon voor ons huisje gezeten, maar ook de wind om ons heen horen loeien en druppels op ons hoofd voelen kletteren. Gewoon heerlijk die afwisseling. Dat ik heel simpel kookte (knakworsten met goulashsoep of gewoon broodjes met kaas of ei) gaf alles de extra eenvoudige charme. Geluk zit in een klein hoekje. 

Op de terugweg van een wandeling naar Stavoren. Foto: Boef.

Mythische proporties

Als aandenken aan deze vakantie hebben we de mooie foto’s van Boef. Hij heeft pas een nieuwe camera gekocht en schiet altijd met veel plezier krachtige plaatjes. Maar ook het luxe gouden boekje ‘Het vrouwtje van Stavoren’ geschreven door Arthur Japin. Hij heeft het verhaal op zijn eigen wijze herschreven. Eerst zag ik het boekje in een gesloten curiosawinkel in Stavoren. Toen ik het een paar dagen later in de museumwinkel van het Fries Scheepvaart Museum zag wist ik: die moet ik hebben. Niet alleen vanwege de kleurrijke tekeningen, maar omdat ik dol ben op verhalen die verbonden zijn aan mensen die ergens symbool voor staan en soms mythische proporties aannemen. Het verhaal is prachtig om te lezen en heeft mij tot nadenken gestemd. Als je het niet kent: zoek het maar eens op. “Niet is meer waard dan liefde,” zegt een zwerver aan het eind van het verhaal tegen het vrouwtje. Dat is de clou. En zo is het maar net. Dat is mijn clou.

Het vrouwtje van Stavoren. Foto: Boef.

Waarom ben ik bang om mooi te zijn?

Waarom wil ik niet afvallen? Dat was de vraag die ik Sharon aan mijn onderbewuste wilde laten stellen. Bij haar begon ik een paar maanden geleden mijn hypnose-traject voor lichter leven. Het was een vraag die mij erg bezighield. Want ik wilde wel afvallen, maar ook weer niet. Met mijn hoofd kon ik allemaal argumenten opnoemen waarom de kilo’s er nodig af moesten, maar als ik dan weer dacht aan taartjes, koekjes en ijsjes begon ik te watertanden. Dat kon en wilde ik niet allemaal laten staan. Waarom niet? 

Bang om mooi te zijn

Sharon bracht mij in een trance waarbij er mogelijkheid tot praten was. “Waarom wil Barbara niet afvallen?”, vroeg zij aan mijn onderbewuste. Ik was op allerlei antwoorden voorbereid. Had me zelfs ingesteld op diepe trauma’s. Maar het antwoord dat kwam, verbaasde mij. Verbaasde mij zeer. In antwoordde namelijk: ”Omdat ik bang ben om mooi te zijn.” “En waarom is Barbara bang om mooi te zijn?”, vroeg Sharon door. “Omdat ik dan met iedereen naar bed moet.” We moesten allebei een beetje lachen. Ja, ook dat kan onder hypnose. “En wat moet Barbara doen om zich mooi te laten voelen?” “Jurken kopen. Oorbellen kopen. Make-up op doen, ” antwoordde ik. En weer moesten we lachen. 

Er kwamen wel meer dingen boven tafel tijdens dat gesprek, maar die zijn moeilijk te beschrijven. Om die te begrijpen, moet je zelf onder hypnose zijn geweest, anders is dat niet uit te leggen. Na afloop vroeg ik aan Sharon of ik wel onder hypnose was, omdat ik van die rare antwoorden had gegeven. Zij bevestigde dat dat zeker het geval was. Had ik anders zulke dingen gezegd?

Leven in de suggestie

Nee. Zulke dingen had ik dan zeker niet gezegd. Dat kunnen ik en degene die mij kennen zeker beamen. Als iemand niet met haar uiterlijk bezig is, ben ik dat wel. Natuurlijk loop ik er niet als een zwerver bij, maar bewust van de mode ben ik nooit geweest. Ik zie mijzelf ook niet als een of ander fotomodel waar de mannen bij bosjes achteraanlopen. Nee, helemaal niet. Een echte beauty ben ik niet, maar ik heb wel wat voor sommige mannen. Sommige mannen herhaal ik maar even, want een heleboel mannen zijn (of waren) bang voor mij.

Na de hypnose kwamen er verhalen uit mijn onderbewuste boven tafel die ik vanaf mijn studententijd verdrongen heb, omdat ik er met niemand over had kunnen praten die het begreep. Het betrof ‘het leven in de suggestie’, zoals ik dat noem. Ik dwaal van mijn rode draad af als ik daar nu op inga, maar ik ga er zeker nog een keer een blog over schrijven. Bereid je maar vast voor. 

Vechten voor rechten

Maar goed. Angst dus om mooi te zijn. En daaraan gekoppeld: angst om slim, krachtig en lief te zijn. Die drie eigenschappen kwamen er later nog bij. Waarom mag je als vrouw niet mooi, slim, krachtig en lief zijn? Waarom word je dan door anderen ondermijnd? Waarom levert je dat soms een onvoldoende op terwijl je eigenlijk met vlag en wimpel het tentamen gehaald hebt? Waarom kost je dat soms je baan, omdat iemand met meer macht die macht met hand en tand verdedigt en soms zelfs misbruikt? Het gaat er niet om dat ik gelijk heb, maar dat ik ook gelijk kan hebben. Er is niet één waarheid. Er zijn er meerdere. 

Nu wil ik niet zo’n omhooggevallen Opzij-vrouw zijn (bestaat dat tijdschrift nog?). Het feminisme draaft soms een beetje door. Maar door de eeuwen heen hebben vrouwen wel altijd voor hun rechten moeten vechten. Een recht dat verder gaat dan het aanrecht, zoals sommige mannen het zien. 

Fundamentele warme waarheid

Moest ik mijzelf daarom ‘rondeten’? Omdat ik niet mooi, slim, krachtig en lief durfde te zijn? Ik prijs mijzelf juist gelukkig dat ik van mensen kan houden en de wereld mooier droom dan hij volgens sommigen is. Want zeg nou eerlijk: als je kijkt hoe het er soms echt aan toe gaat, kan je eigenlijk alleen maar huilen. Ik kijk liever naar wat de mensheid bindt en geef de voorkeur aan een fundamentele warme waarheid die ook nog eens verschillende vormen kan aannemen. Daar bouw ik aan en daar bouw ik op. En een heleboel mensen -gelukkig!- met mij. 

De laatste weken voel ik mij lichter en lichter worden. Of ik in kilo’s afgevallen ben, weet ik eigenlijk niet. We hebben namelijk geen weegschaal. Ik geloof ook niet in het getal dat mijn gewicht in kilo’s aangeeft, maar in het cijfer dat ik mijzelf gevoelsmatig toedicht. En dat cijfer is hoger, terwijl ik mij lichter voel. Een beetje vreemd, maar het klopt allemaal nog wel. En is ook nog eens lekker. (Kunnen jullie het nog volgen?)

Rabarbara voelt zich lichter en lichter. Foto: Anja Onstenk.

Waarom bestaan er panty’s die je zo kapot trekt?

Bij het leven van een vrouw die ervan droomt om mooi en minder rond te zijn, komt af en toe een groot probleem om de hoek kijken. Zoals jullie weten heb ik onlangs vijf jurken aangeschaft. Nu de zomer voorbij is, kom ik erachter dat je dan niet met blote benen kan blijven rondlopen. Dat is zelfs voor mij met mijn vetlaagjes te koud. Ik dacht na over de ideale oplossing en kwam uit op panty’s. 

Filmster

Zo gezegd, zo gedaan. Enthousiast ging ik naar de Hema en kwam daar een heel gangpad tegen met panty’s in allerlei kleuren en maten. Voor een belachelijk lage prijs kocht ik voor het eerst in mijn leven zelfstandig een doos waar er vier inzaten. “Dan kan ik een tijdje vooruit,” dacht ik blij. Gisteren wilde ik een van mijn mooie jurken aantrekken met een panty. In eerste instantie was ik benieuwd of de maat goed zou zijn, maar dat was geen probleem. Heel netjes en keurig rolde ik de panty op om hem vervolgens zorgvuldig langs mijn benen uit te rekken en aan te trekken. Ik voelde mij net een filmster. Vol trots liep ik kort daarna door het huis. Die trots duurde niet lang, want als snel kwam er een haakje in mijn panty door een rupje aan de nagel van mijn wijsvinger waarmee ik over mijn been streek. “Tjonge, jonge, jonge, gaat dat zo snel?”, dacht ik nog. Na een fietstocht naar de supermarkt zat er al een ladder in mijn bovenbeen en toen ik die dag voor de derde keer naar de wc ging, trok in het kruis stuk. Het filmsterren gevoel verdween als sneeuw voor de zon en ik voelde mij weer de gebruikelijke miss klunsie. 

Olifant

Ik besloot mijn ‘probleem’ met een aantal vrouwelijke vrouwen te bespreken die er niet om zouden gaan smiespelen, maar mij met mannelijke en praktische tips zouden helpen. De eerste vraag die ik kreeg was:”Hoeveel denier is hij dan?”. “Twintig,” antwoordde ik. En ik was al trots dat ik wist wat ‘denier’ was. “O, maar die trekt iedereen stuk. Je moet op zijn minst zestig hebben. Die kan je ook wassen. Je hebt wel keus uit minder kleuren, maar de kwaliteit is veel beter.” Op mijn vraag waarom er dan panty’s verkocht worden die iedereen stuk trekt, bleven zij mij het antwoord schuldig. Ik kan mij niet voorstellen dat die alleen gekocht worden door onwetenden zoals ik. Wel werd mij uitgelegd dat je met die dunne heel voorzichtig en vrouwelijk moest omgaan. Ook subtiel. Die drie begrippen passen absoluut niet bij mij. Het liefst banjer ik als een olifant door een porseleinkast. Daar is heel ons huis ook op ingericht. 

Onmodieus

Misschien dat panty’s wel niks voor mij zijn, maar om nu dikke leggings onder mijn soepele jurken te gaan dragen, zie ik niet echt zitten. Dat staat gewoon niet. Dat zie zelfs ik met mijn onmodieuze ogen. Zie hier het probleem van de onvrouwelijke vrouw die mooi wil zijn. Ik ga eerst maar eens dikkere panty’s proberen. Kijken of die wel heel blijven. En anders vriezen mijn benen er van de winter maar af!

De panty die ik na een dag dragen weg kan gooien. Foto: Rabarbara

(te) Gek: Monic Rootinck

In de rubriek ‘(te) Gek’ komen mensen van verschillende pluimage aan het woord over alle vormen van (te) gek zijn.

‘Ik zie het leven als een trein; je reist met mensen mee’

Op het eerste oog lijkt ze zakelijk, maar als je langer met haar praat komt er een gevoelige, vriendelijke en zorgzame vrouw tevoorschijn. Monic Rootinck van Hospitality Concepten is een vrouw van spontane acties die graag in een cabrio rijdt, op muziek door de kamer danst en haar gekochte jurken met veel plezier vermaakt tot ze perfect passen. Monic:”Door zware scharniermomenten in mijn leven, kan ik nu levenskunst en kennis overbrengen. Het leven heeft mij veel lessen geleerd. Je kan veel leren als je geen oordeel hebt. Met geduld en vertrouwen valt veel te bereiken. Geef iemand een kans en misschien wel een tweede. Soms moet je van iemand afscheid nemen, dan stroomt de energie niet meer.”

‘De dood intrigeert mij’

“Ik vind het leuk om anderen te helpen. Een goed voorbeeld daarvan is een hospice waar ik betrokken bij ben in Curaçao. Twee jaar geleden gingen zij van twaalf kamers naar twintig kamers. Voor die uitbreiding hadden ze inboedel nodig. Spontaan bood ik aan om dat te regelen. Het was meer werk dan ik dacht, maar uiteindelijk had ik een hele container met spullen voor ze. Afgelopen maart zou ik er ook naartoe gaan. Om te helpen met het herinrichten, maar corona kwam ertussen. De spullen zijn wel aangekomen, maar het reservegeld dat we hadden om wat extra verf te regelen is opgegaan aan de huur van de container. Die hadden we langer nodig dan gepland door de lockdown op Curaçao,” vertelt Monic, “Ik heb altijd wel wat met hospices gehad. Toen mijn kinderen op school zaten, had ik naast mijn administratieve werk tijd over. De dood intrigeert mij. Ik ging daarom aan de slag bij een hospice in Doetinchem. Toen heb ik ook de opleiding stervensbegeleiding gedaan. Mijn interesse voor de dood ontstond toen mijn jongste dochter geboren werd. Zij was een huilbaby en ik vroeg mij continu af waarom zij zo huilde. In die tijd kwam ik op straat tijdens een ijsje eten een medium tegen. Zij gaf mij inzichten over mijn jongste dochter. Toen ben ik gaan nadenken over dat wat er zich tussen hemel en aarde afspeelt.”

Monic houdt van doorpakken. Als ze iets regelt, ziet het er verzorgd uit. Foto: PR.

Nu genieten

“Ik zie het leven als een trein; je reist met mensen mee. Soms stappen mensen in en soms stappen mensen, hoe pijnlijk ook, uit. Mensen kunnen weleens iets tegen mij zeggen waar ik ’s nachts wakker van lig. Dat terwijl ze zelf waarschijnlijk zich helemaal nergens bewust van zijn en niks kwaads in de zin hadden. Dat is een nadeel van mijn hooggevoeligheid. Een voordeel is dat ik veel aanvoel. Ik voel, zie en merk veel op. Dat geeft kracht en inzichten waar je verder mee kunt. Ik vind het ook belangrijk om in het nu te leven. Je verdient het dat op dit moment veel mensen van je houden. Je moet nu genieten en dat genieten niet uitstellen tot later”, Monic besluit: “Ik ben altijd bezig en houd van doorpakken. Ik regel de dingen goed voor mezelf en anderen. Als ik goed voor mezelf zorg, kan ik ook voor een ander zorgen. Soms word ik ook wel Juffrouw Mier (uit de Fabeltjeskrant, BP) genoemd als ze mij weer op de trap horen trippelen.”

Monic ziet het leven als een trein. Foto: PR.

Wil je ook je (te) gekke verhaal kwijt, mail dan naar info@rabarbara.nl

Waarom theezakjes twee keer gebruiken?

Theezakjes. Ze vormen een grote frustratie voor mij. Niet het theezakje zelf, maar het gebruik ervan. En niet mijn eigen theezakjes, maar die van anderen. Wat is het euvel? Nou, dat zal ik eens haarfijn uitleggen. Er heerst namelijk een ongeschreven regel dat je een theezakje twee keer moet gebruiken. Waar dat gebruik vandaan komt, weet ik niet. Ik denk dat het de Hollandse zuinigheid is. 

Smaakjes

Ik herinner mij nog de periode dat er geen theezakjes waren voor één kopje. Thee werd toen gewoon in een grote pot gezet en je kreeg een kopje volgeschonken uit een theepot waar het ‘grote’ zakje een tijd in had staan trekken. Op een gegeven moment was er een omslag. Volgens mij toen de vele smaakjes werden ingevoerd. Er kwamen theezakjes die bedoeld waren voor één kopje. Van die theezakjes kan je makkelijk twee kopjes drinken, was al snel het credo.

Heet

Nu wil het geval dat ik geen slappe thee drink, want dan kan ik net zo goed heet water drinken. Over het algemeen drink ik kruidenthee die ik wel zo’n vijf tot tien minuten laat trekken. Dan zit de smaak er goed in. Als ik bij mensen op visite ben en ik begin aan mijn tweede kopje thee sta ik voor een dilemma: gebruik ik mijn gebruikte zakje, zoals iedereen doet, nog een keer? Diep in mijn hart voel ik dan een afkeer. Je gebruikt een condoom toch ook niet twee keer? Nu is het misschien raar om thee drinken met ‘de daad’ te vergelijken. Ze hebben niet veel gemeen. Behalve dat ze allebei heet zijn en er ergens iets in- en uitgedompeld wordt. Maar toch. 

Etiquette

Als ik een gebruikt en nat zakje in mijn theewater doe, komt er haast geen thee meer vanaf. Het water blijft dan altijd praktisch wit. Mijn gastvrouw (of gastheer) ziet aan mijn gezicht dat er iets niet klopt en zegt beleefdheidshalve:”Je mag wel een nieuw zakje pakken hoor!” Maar ook dan twijfel ik. Als ik dat doe, beroof ik haar van haar zuurverdiende centen en houd ik mij niet aan de etiquette. Als ik het niet doe, drink ik met walging mijn tweede kopje thee. 

Hondsbrutaal

Wat te doen? Ik weet het niet. Bij mensen bij wie ik mij op mijn gemak voel, pak ik gewoon hondsbrutaal een nieuw tweede zakje. Maar wat te doen in het schemergebied? Bij mensen bij wie je toch nog de schijn wilt ophouden dat je een beschaafd persoon bent? Geen tweede kopje thee? (Heb ik ook wel eens gedaan). Mij over mijn afkeer heenzetten? Of gewoon geen thee drinken, maar om een glas water vragen? Maar als je een glas water bestelt, roep je ook een hoop ellende over je af. Daarover valt ook een heel blog te schrijven. Misschien een andere keer. Wat zou jij doen?

Het vervult Rabarbara met afschuw om een theezakje voor de tweede keer te gebruiken. Foto: Rabarbara