Rabarbara viert feest!

Het is feest bij Rabarbara. Na een paar maanden met passie onder deze naam geblogd te hebben, kwam ik niet meer onder de altijd al sluimerende behoefte uit om van Rabarbara een onderneming te maken. Al langere tijd liep ik rond met deze droom, maar ik verzon steeds smoesjes om het niet te hoeven doen. Urenlang kon ik erover doorzagen, maar echt stappen zetten vond ik toch te eng. Totdat ik een keer een goed gesprek met Anke van Intertembo voerde. Zij kon al de bezwaren in mijn hoofd tekkelen en toen durfde ik deze voor mij heel grote stap te maken. Een droom komt uit. Ik groei en bloei. Per 1 juni is het zover. Joehoe!

Dit alles had niet plaats kunnen vinden zonder jullie, mijn trouwe lezers. Daarom verloot ik een zakje rabarbersnoepjes onder degene die via een reactie op dit blog, Facebook of Twitter te kennen geven daar wel lekkere trek in te hebben. Op dinsdag 6 juni maak ik de winnaar bekend!

Onder mijn trouwe lezers verloot ik een zakje rabarbersnoepjes!

Het leven is zo gek nog niet!

Impulsschrijven. Dat doe ik. Dat is wat anders dan impulsief schrijven met een wirwar van notities om je heen. Het is moeilijk uit te leggen, want het is een onbestemd gevoel in je hoofd dat plotseling opduikt. Alsof er daar een lichtje gaat schijnen. Er ontvouwt zich een idee of clou en ik kom dan in een bepaalde stemming. Dat kan je niet afdwingen. Daarom geloof ik er ook niet in dat schrijven hard werken is. Natuurlijk is het achteraf een beetje schaven en puzzelen, maar de grondslag/woordenvloed/verhaallijn ontstaat zomaar, spontaan en uit het niets. Bij mij tenminste. Zodra ik ga zoeken en nadenken schrijf ik onleesbare en ingewikkelde stukken. Het draait om eenvoud en duidelijkheid. Als die twee zaken er zijn krijg je prettig leesbare teksten. Of in mijn geval: blogs.

Bovenstaande woorden zijn ongeveer in dezelfde strekking gezegd in de ‘napraat’ van de Literaire Soos van afgelopen zondag. Met het opzetten van deze Soos ben ik een paar maanden bezig geweest, maar het is gelukt en er zijn ook over andere onderwerpen gesprekken gevoerd. Zoals over het reizen met de trein. De meeste conversaties heb ik niet meegekregen, want er waren zo’n 25 man. Wat ik wel zag en voelde, was dat er voldoende gespreksstof was. Mooi dat deze Soos op een organische manier van de grond is gekomen en er mensen zo gek zijn geweest om mee te willen denken en doen. Nog mooier dat er een vervolg gepland wordt. Aanwezigen wilden ook hun kunsten gaan vertonen en afwezigen betreurden het dat ze er niet waren: een volgende keer komen ze zeker!

Mijn speciale dank gaat uit naar het trio TweeFM. Zij maakten die middag bekend (ikzelf wist het stiekem al eerder) dat ze het liedje ‘Lief zijn’ dat ik speciaal voor hen geschreven heb op hun plaat hebben opgenomen. Ik bedacht de woorden, zij de muziek. Die plaat verschijnt in oktober en draagt ook de naam ‘Lief zijn’. Hoe vereerd kan je je voelen? En hoe leuk is het als je eigen geschreven teksten gezongen worden? Dat deden deze mannen tijdens de Soos. Ook het publiek hoorde voor het eerst mijn liedteksten. Een hele vuurdoop!

Natuurlijk moet ik ook pionier Dyon niet vergeten die zijn debuuttekst voordroeg en Frank die hem daarbij muzikaal begeleidde. En dan hebben we Ronald, die zijn eerste literaire tekst nog moest schrijven toen hij enthousiast toezegde deel te nemen aan de Soos. Met zijn allen hebben we het klusje geklaard en nu kan ik weer een verwezenlijkte droom afvinken van mijn lijstje. Nog maar een paar honderd te gaan. Way to go girl!

Al met al waren de afgelopen dagen erg wonderlijk. Eigenlijk wilde ik wonderschoon typen, maar dat is zo’n oubollig woord dat ik het in mijn hoofd al corrigeerde naar wonderlijk. Waarom wonderlijk? Ik heb mezelf namelijk overtroffen door mijn spreekangst diep in de ogen te kijken. Tijdens de Soos, maar ook vandaag weer op het Schaapscheerdersfeest. Daar las ik mijn blogs op intieme wijze voor aan verschillende mensen gezeten op strobalen en oefende zo mijn voordrachtskwaliteiten. Een gepensioneerd stel waar ik al ruim vijf jaar de post bezorg, kwam ook luisteren. Zij gaven mij tips en boden mij hun hulp aan bij het spreken voor groepen toen ik ze vertelde dat ik daar moeite mee had. Ze zijn beiden jaren werkzaam geweest in het onderwijs en weten wat het is om voor veel mensen te praten. Als ontluikend optredend artiest is het goed om een oefenadresje achter de hand te hebben. Dus ik vermoed dat ze mij in de toekomst wel een keer zien verschijnen. Niet dat wat ik nu doe zo belabberd is. Maar het kan beter. En willen we niet allemaal groeien en bloeien?

Het lichtje in mijn hoofd gaat uit. Dus ik vermoed dat ik alles wat ik moest schrijven, geschreven heb. De clou is op. Niet te verwarren met de koek is op. Er valt nog genoeg te schrijven. Weet ik, voel ik en voorzie ik. Het leven is zo gek nog niet! Blijf mij volgen.

Voordraagontwikkelingen in volle gang

(te) Gek: Henriëtte Brethouwer

‘Als alles perfect zou zijn, kan je niet leren van je fouten’

Sommige mensen vinden haar gek, omdat ze voor het vuur gaat voor haar zoontje Noah en andere ‘speciale’ kinderen. Zelf vindt ze het té gek om hen erbij te laten horen en ze te integreren in de samenleving. Henriëtte Brethouwer is een vrouw die kijkt naar mogelijkheden en niet naar beperkingen: ”Het maakt niet uit wie we zijn of wat we doen. We horen er allemaal bij.”

Als mede-oprichtster van the Lighthouse Sports Foundation wil Henriëtte met haar man kinderen met een meervoudige beperking een stem geven: ”Zij willen graag meedraaien in de maatschappij. Daarom maken wij ons er hard voor dat ze kunnen meedoen aan reguliere sportwedstrijden zoals triathlons. In Nederland zijn nauwelijks voorzieningen voor kinderen die lichamelijk én verstandelijk beperkt zijn. Wij zijn echt gaan pionieren met het bouwen en laten ontwerpen van speciale voertuigen. Daarbij kan je denken aan een ingenieus gebouwde fiets. De kinderen die meedoen met de wedstrijden genieten ieder op verschillende manieren van de deelname: de een gaat op in de elementen, de ander wordt blij van het gejuich aan de kant. We kijken echt goed of deelname wel iets is wat bij het kind past. Je moet hem of haar er wel een plezier mee doen.”

 

Hoop

De Foundation draait op vrijwilligers. “De vrijwilligers zijn de ‘angels’ van de kinderen, hun spierkracht,” legt Henriette uit, “Het bereiken van ons doel is een hele strijd. We proberen net als een vuurtoren in het donker op zee een lichtpuntje te zijn voor deze kinderen en hun ouders. Anders blijven ze maar binnen vier muren zitten. Het is heel belangrijk hoe je in zo’n moeilijke situatie met een meervoudig beperkt kind gaat staan. Waar kies je voor? Wil je dat deze kinderen gezien worden? Ik heb zelf jaren in de zorg gewerkt met mensen met een beperking en merkte dat ze ‘verstopt’ werden. Toen ik jong was, zei ik tegen mijn ouders: ’Als ik later een kindje met een beperking krijg, zorg ik a) dat het er leuk uitziet en b) dat het erbij hoort.’ Na de geboorte van Noah hebben wij besloten zijn leven te vieren. Zijn naam betekent ook ‘hoop’. Hij voegt echt iets toe aan ons leven. Hij is ons cadeau en leert ons mooier kijken naar de wereld om ons heen, omdat hij altijd aardig is en anderen altijd respecteert. Als alles perfect zou zijn, kan je niet leren van je fouten. En de vraag is of we dan gelukkiger zouden zijn.”

 

Bijzonder

Samen met Deborah Meijering-van Westen heeft Henriëtte een prentenboek gemaakt over Noah genaamd ‘Bijzonder’. Het verschijnt begin september. Deborah heeft de illustraties verzorgt en Henriëtte de tekst. Het is geschreven voor kinderen tot zes jaar en bedoeld om uit voor te lezen. Al lezend kan een gesprek op gang worden gebracht over ‘bijzonder’ zijn. Henriëtte: ”We zijn allemaal anders, maar willen ook allemaal geaccepteerd worden zoals we zijn. We moeten anderen de kans geven te zijn zoals ze echt zijn. Daar moeten we naar toe. Voor veel mensen is er een angst om te praten over beperkingen. Mensen zijn er erg hard in hun opmerkingen en oordelen snel. Met dit boek proberen we een andere licht op de zaken te laten schijnen.”

 

Henriëtte met enkele voorbeelden van prenten die in het boek ‘Speciaal’ komen.

Stofzuigen is om te huilen

Het huishouden. Mijn passie is het niet en zal het nooit worden. Dat een stofzuiger huulbessum genoemd wordt in het Achterhoeks is voor mij een verademing. Stofzuigen is inderdaad om te huilen. Zouden alle Achterhoekers dat vinden? Ze hebben toch niet voor niets deze naam gekozen?

Ik loop altijd al Franse slagen doend met het huilapparaat door ons huis. Boef zuigt eens in de zoveel tijd de hoekjes die ik gemakshalve maar vergeet. De trap daar waagt hij zich echter niet aan. Dat is mijn pakkie an. Nu is dat pakkie wel makkelijker geworden sinds we een Dyson hebben, de Ferrari onder de stofzuigers. Daar heb ik, raar maar waar, wel veel van gedroomd. Nu heb ik een lang genoeg snoer en hoef ik niet meer te prutsen met stofzuigerzakken. Hup, alles linea recta in het reservoir. Zal ik ooit nog plezier in het schoonhouden van ons huis krijgen?

Soms voel ik mij op verjaardagen niet een echte vrouw. Zeker niet op die feestjes waar de vrouwen bij elkaar zitten en de mannen in een andere hoek staan. Er wordt dan regelmatig over het huishouden en strenge instructies aan mannen aangaande de was gepraat. Sommige mannen mogen niet eens de was doen, omdat ze alles verprutsen. Nu wil het geval dat dat bij Boef en mij andersom is: ik mag van hem de was niet doen. Ik prop namelijk alles door elkaar in de wasmachine tot hij bomvol zit. Zet hem vervolgens aan met te veel wasmiddel en werp daarna de was willekeurig en gekreukt over de lijn. Hoe vertel je zoiets aan andere vrouwen zonder met opgetrokken wenkbrauwen bekeken te worden?

Lopen de meeste geslachtsgenoten te schuimbekken van schoonmaakmiddelen waar ze een lekker sopje mee kunnen maken om te kunnen boenen, ik houd mij daar het liefst verre van. Niet dat alles smerig is bij ons in huis. Welnee. Ik doe wel wat. Ik doe genoeg. Het hoognodige. Maar daar is ook alles mee gezegd.

Soms moet ik weleens stiekem huilen in bed. Hard brullend, net als de huulbessum. Of vanwege de huulbessum. Dan wens ik dat ik een poetsvrouw, keukenprinses en geordend persoon ineen ben. Ik moet het echter doen met mijn creatieve brein die een interne en externe chaos met zich meebrengt, tentoonspreidt en veroorzaakt. Alleen mijn woorden zijn gestructureerd, logisch en helder. Zij houden huis in mijn hoofd en maken mij tot een ware woordkunstenaar. Is dat niet mooi of misschien zelfs mooier? Ik vind van wel.

Deze kwartetkaart van ’t Praothuus Kwartet inspireerde mij tot bovenstaand stukje over stofzuigen.

Letterlijke en figuurlijke blootbeleving in de sauna

Had je mij tien jaar geleden gezegd dat er een toekomst voor mij was weggelegd als naaktloopster in sauna’s dan had ik je vierkant uitgelachen. Ik die altijd een beetje bleu was over mijn ronde lichaam zag het niet voor me om dat aan jan en alleman te showen. Toen ik nog in Leiden woonde had ik twee vriendinnen die vaak gezamenlijk naar zo’n welzijnsoord voor je lichaam gingen. Ze vroegen mij altijd plagend mee en ze dachten dat ze trokken aan een dood paard. Tot op een dag bij mij de knop om ging. Je moet alles gedaan hebben in je leven was ik plotseling van mening. Dus het appeltje van deze angst moest ik maar eens gaan schillen. Zo gezegd, zo gedaan.

Op een goede dag ging ik ging mee en at met hen de veelgeprezen citroentaart (want dat hoort er ook bij, een zeer smakelijk hapje eten waar je het driedubbele pond voor betaald) en was om. Helemaal geen vieze gluurders en fotomodellen die daar liepen te paraderen. Mensen in allerlei soorten en maten die genoten van een dagje ontspanning. Heerlijk! En het naaktlopen valt ook mee. Als je van de ene naar de andere ruimte gaat, heb je meestal een badjas aan en wandel je een droge sauna in, kan je je altijd bij binnenkomst nog een beetje verstoppen achter je handdoek.

Of ik veel bekijks trek, weet in niet. Veiligheidshalve doe ik altijd mijn bril maar af. Dan zie ik niet zo veel en hoef ik niet te schrikken van dat wat ik eventueel zou kunnen zien. Ik waan mij veilig met de zaken binnen mijn blikveld die ik wel kan waarnemen. Dat is niet zo ontzettend veel. Andermans blikken vang ik niet en dat geeft mij een stukje rust. Wat niet weet, wat niet deert.

Ik kan mij gelukkig prijzen dat ik in de Achterhoek ook een vriendin heb gevonden die met mij naar sauna’s wil. We hebben er al verschillende in de omgeving uitgeprobeerd. Vandaag ontvluchtte we Koningsdag en vierden we tegelijkertijd haar verjaardag bij de Veluwse Bron in Emst. Even weg van de drukte van alle dag. Voor mij was het ook bijkomen van de hectiek van de afgelopen weken. Tijd voor mezelf. Mijn innerlijke en uiterlijke mens verwennen. Uiteraard hebben we ook onze vriendschap een boost te geven. Want naast onze lichamen, geven we ook onze ziel bloot. Misschien is dat in sommige gevallen ook nog wel spannender. Wie zal het zeggen?

 

Een selfie ter ere van onze vriendschap die verder gaat dan alleen sauna’s bezoeken.

Vier vier

Huisje, boompje, beestje. Daar ziet het wel naar uit. Boef en ik geven ons vrije en blije leven van ‘hokken’ op voor een toekomst met samen plagend uitdagend oud worden. Nu heb ik officieel beloofd dat ik zijn kunstgebit ga poetsen als dat nodig is. Oei, oei, oei. Vier vier was het. Een moeilijk te vergeten datum. En de aanleiding het feit dat we ons huurhuis konden kopen. Ik verheug mij nu al op mijn jaarlijks kneuterige bloemetje. Of zal Boef mij iets anders geven? Of moet ik hem iets geven? Dat kan natuurlijk ook nog. We zijn een modern, niet geijkt stel dat voor verrassingen zorgt. Omdat Boef geen ring kan dragen in verband met zijn werk en ik toch een bijzonder aandenken aan deze dag wilde, kochten we houten horloges van Lumbr. Zeer mooi en zeer toepasselijk. Zo blijven we allebei bij de tijd voor altijd.

In mijn hoofd was het de afgelopen weken een achtbaan, waardoor er van bloggen niet veel terecht kwam: de koop van ons huis, stiekem een geregistreerd partnerschap (met originele jurk) aangaan, bezig zijn met de Vrije Soos en Literaire Soos (zie het krantenartikel in de vorige blogpost), mijn liedteksten die gezongen worden door de leuke mannen van TweeFM, het regelen van verschillende optredens als woordENkunstenaar met Annekée en de overweging om van Rabarbara een heus bedrijfje te maken. Voor dat laatste heb ik een ondernemingsplan geschreven en ben ik naar de Kamer van Koophandel geweest voor een seminar. Daarnaast heb ik er met verschillende mensen uiteenlopende gesprekken over gevoerd. Diverse personen boden mij hun hulp aan en met één bijzonder exemplaar ga ik in zee. Wordt vervolgd.

Nu ben ik dus min of meer ‘getrouwd’. Wie had dat gedacht? Mijn geluk kan niet stuk. En dat rijmt ook nog eens. Ook al was het op een dinsdagochtend, gratis en in vijf minuten gebeurd, voor mij was het een rijke en omvangrijke dag. We vierden het klein en intiem. Met een lunch met Boef’s ouders, mijn moeder en zusje. Mijn vader kon er helaas om gezondheidsredenen niet bij zijn. Misschien dat we in de toekomst nog een feestje gaan geven om dit grote nieuws te vieren. Maar eerst orde op zaken en sparen.

Er is veel in gang gezet de afgelopen tijd. De ‘maakenergie’ zoals Dyon en Dorian (de mede-oprichters van de Vrije Soos) zo mooi noemen draait op volle toeren. En ik draai mee, van boven naar onder, van links naar rechts. Boef zorgt ervoor dat ik mijn hoofd koel houd en mijn hart kan blijven volgen. Opposites attract.

De houten horloges die Boef en ik dragen ter ere van onze liefde.

Een fris welkomstdrankje tijdens onze lunch op de ‘grote’ dag.

 

Een speciale jurk voor een speciale dag.